Vaste kosten 30 procent te hoog: Volkswagen snijdt diep in Duitse banen
- Bij de mega-reorganisatie die Volkswagen doorvoert gaan de meeste banen in Duitsland verloren, zei topman Oliver Blume.
- Een groot deel van de Europese auto-industrie heeft het moeilijk door hoge kosten en hevige concurrentie van China.
- China zette al vroeg in op elektrisch rijden en geniet nu een voorsprong, die Europese fabrikanten moeten zien in te halen.
De helft van alle banen die Volkswagen wil schrappen bij een nieuwe reorganisatie gaat in Duitsland verloren. De ingrepen zijn nodig omdat de vaste kosten bij het concern 30 procent hoger liggen dan bij concurrenten, aldus topman Oliver Blume.
Dat kondigde Blume aan bij een toelichting op zijn reorganisatieplannen in Wolfsburg, meldt persbureau Bloomberg. Hij noemde het programma “het grootste transformatieprogramma in de geschiedenis van ons bedrijf”.
Eerder circuleerde het aantal van 50.000 banen die Volkswagen wereldwijd zou willen schrappen, tot het afstoten van complete divisies, zo bleek uit afgelopen vrijdag uit een interne memo waar persbureau Reuters over berichtte. Volgens Blume gaat dit om een theoretische berekening en geen vaststaand cijfer.
Weer een klap voor Duitse auto-industrie
Dat Volkswagen vooral in zijn Duitse afdelingen snijdt, is een nieuwe klap voor de auto-industrie van het land. De afgelopen jaren hebben meerdere bedrijven uit de branche reorganisaties aangekondigd, waaronder forse kostenbesparingen bij Porsche.
Blume kan zich ook opmaken voor confrontaties met vakbond IG Metall, die al zinspeelde op stakingen.
De Europese auto-industrie heeft het moeilijk door onder meer hoge productiekosten en de achterstand die het heeft opgelopen bij de opmars van elektrische auto’s.
China zette vroeg in op elektrisch rijden
China heeft de elektrificatie van voertuigen al vanaf 2001 priortieit gemaakt in zijn vijfjarenplan en begon in 2009 met grootschalige subsidies voor consumenten en fabrikanten, schrijft de BBC.
Tegelijk zette Peking in op controle van de toeleveringsketen, door vanaf 2010 buitenlandse mijnen op te kopen, om grondstoffen voor de productie van batterijen veilig te stellen.
In 2024 had China 69 procent van de mijnbouwproductie van zeldzame aardmetalen in handen, bleek uit onderzoek van een wetenschappelijk agentschap van het Amerikaanse ministerie van Binnenlandse Zaken. Dat maakt Europese en Amerikaanse EV-fabrikanten afhankelijk van het land.
Verwoedde inhaalslag Europese fabrikanten
Europese fabrikanten hebben lang vastgehouden aan de verbrandingsmotor waarmee ze de markt domineerden. Onlangs nog besloot de Europese Commissie om het strenge totaalverbod op nieuwe brandstofauto’s vanaf 2035 te heroverwegen en te versoepelen.
Wereldwijd zijn Tesla en het Chinese BYD de grootste EV-fabrikanten, schrijft e-drivers.com. Volgens het platform winnen Chinese merken als BYD, MG en Xpeng terrein met betaalbare modellen en en slimme technologieën, ook in Nederland en Noorwegen.
Europa probeert een inhaalslag te maken, onder meer met importheffingen op volledig elektrische auto’s uit China. Dat geeft fabrikanten de tijd om hun kosten omlaag te brengen met reorganisaties.
Tegelijk stimuleert de EU elektrisch rijden met regelgeving en subsidies, bijvoorbeeld bij het opzetten van een laadpaalnetwerk, het vergroenen van het wagenpark van grote bedrijven en boetes als fabrikanten niet aan CO2-doelen voor auto’s en bestelwagens voldoen.
LEES OOK:
Maak van kostenmanagement een strategisch thema: leer hoe kostenstructuren waarde creëren of doen weglekken en hoe je kostenbesparingen bestuurlijk en praktisch aanpakt.