‘Toename concurrentiebedingen fnuikend voor productiviteit’

In Nederland gaat het concurrentiebeding werkgevers straks geld kosten.

Het concurrentiebeding heeft mogelijk een negatief effect op de productiviteit. Dat stelt de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in een rapport. Concurrentiebedingen worden de afgelopen vijf jaar steeds vaker opgenomen in een contract, ziet de organisatie.

Dergelijke afspraken verhinderen kennisuitwisseling omdat werknemers niet naar een vergelijkbare baan mogen overstappen, en dat zit de productiviteitsgroei in de weg. Bedrijven die achterlopen zouden hun productiviteit juist kunnen verhogen door werknemers met ervaring weg te halen bij concurrenten.

Concurrentiebeding gaat geld kosten

De overheid wil hier paal en perk aan stellen door kosten te verbinden aan het instellen van een concurrentiebeding. Een wetswijzing eind dit jaar legt het HR-instrument aan banden. Als een werkgever een vertrekkende werknemer aan het concurrentiebeding houdt, moet de werkgever een vergoeding betalen aan de werknemer. Dit wordt een wettelijk bepaald percentage van het laatstverdiende salaris. Zo’n vergoeding zorgt ervoor dat werkgevers goed nadenken voordat ze het concurrentiebeding opnemen en inroepen.

Concurrentiebedingen komen steeds vaker voor in contracten voor werknemers in lagere functies die geen toegang hebben tot vertrouwelijke informatie, waar de afspraak ooit voor bedoeld was. Daarnaast stelt de OESO op basis van een enquête dat concurrentiebedingen ervoor zorgen dat werknemers minder snel van baan wisselen en minder snel geneigd zijn om een eigen bedrijf te starten.

Concurrentiebeding drukt lonen

Concurrentiebedingen zorgen er daarnaast voor dat werknemers minder sterk staan in salarisonderhandelingen, omdat ze minder alternatieve werkgevers hebben. Daardoor drukken deze contractafspraken de lonen, meldt de OESO.

Dat het aantal concurrentiebedingen toeneemt terwijl er mogelijk negatieve gevolgen aankleven, roept vragen op over het toezicht, stelt de OESO. De organisatie vraagt zich in het rapport af of toezichthouders er niet strenger op moeten toezien of bedrijven op onrechtmatige wijze gebruikmaken van de contractafspraken.

Gerelateerde artikelen