Grootbanken achterhaald?

Slechte rendementen door achterhaalde business modellen, toch blijven grootbanken anderen de schuld geven.

Een serie blogs over Know Your Business, strategie & ondernemerschap.

BLOG - Een week geleden stond het in de krant: bij een van de grootste banken ter wereld, HSBC, verdwijnen de komende jaren 35.000 van de 235.000 banen. De beschuldigende vinger wijst naar anderen, maar klopt dat wel?

Door Tony de Bree. Hij is auteur van de bestsellers 'De scale-up blueprint' en 'Kan het vliegen? Van idee tot succesvolle startup'. Ook is hij sinds 1997 succesvol spotter van bedrijven als Amazon, Bol, ASML, IKEA en PayPal (in 2001). Hij is ICT-lid in RvC's en werkte bij ABN AMRO o.a. als projectleider CDD en global splitsingsmanager KYC.

"De negatieve rente van de Europese Centrale Bank drukt op het verdienmodel," aldus de de NRC over het ontslag. Vorig jaar zijn daarom met name door Europese banken ook al zo’n 75.000 banen op de tocht gezet, volgens de krant. Maar de schuld zoeken bij de ECB is wel wat kort door de bocht door de betreffende krantenredacties, eigenlijk huilen met de wolven in het bos. Want het lage rendement waarover de grootbanken, die wolven, klagen (trouwens ondanks dat ze miljarden verdienen), hebben ze grotendeels aan zichzelf te danken. Hoe zit dat?

Grootbanken hanteren full costing

Grootbanken doen aan integrale kostenberekening, oftewel full costing. Hun rendement is dan ook laag. Daarvoor zijn een aantal redenen te noemen:

  • Ze sturen op omzet in plaats van op winstgevende klanten.
  • Ze gaan voor kostleiderschap in plaats van voor klantenpartner met winstgevende klanten, waardoor ze in een neerwaartse kostenspiraal terecht komen.  
  • Ze hebben veel te hoge interne kosten, inclusief een veel te grote overhead, veel te veel en veel te duur management, vaak nog een universal banking strategie en oude ICT-systemen.  
  • Ze beschouwen al die kosten als gegeven en berekenen die ‘gewoon maar door’ aan hun klanten. Notabene inclusief boetes van toezichthouders, zoals ABN Amro, Rabobank en ING!
  • Het resultaat? Klanten lopen weg als ze geen hypotheken of andere langlopende producten hebben afgenomen.

Dat doen die grootbanken dus allemaal en helemaal zelf. Het kan echter ook heel anders.

Succesvolle ondernemingen hanteren target costing.

Wat mij betreft is dat de omgedraaide wereld. Ik leerde in 1995 al bij de Wharton School, (de beste business school voor finance ter wereld), dat je als bedrijf in de transparante wereld waarin we leven full costing moet loslaten en over moet gaan op target costing.

Bij target costing ga je uit van wat je product/dienst op de markt waard is voor je klant. Op basis daarvan stel je je prijs vast. Daarop moet je vervolgens intern je kosten aanpassen, zodat je niet aan ‘organisatie obesitas’ gaat leiden, zoals grootbanken wereldwijd. Dat kun je op een aantal manieren doen: je kunt de taken van een klein hoofdkantoor beperken tot die activiteiten, die aantoonbaar waarde toevoegen en door uit te besteden bijvoorbeeld.

Daarnaast moet je sturen op kasstromen en meerdere inkomstenstromen om je bedrijf te financieren, ook wel revenue based financing.

Senior management heeft zaakjes niet op orde

Het rendement van veel grootbanken is veel te laag, omdat ze hun bedrijfsvoering nog steeds baseren op integrale kostprijsberekening, omdat ze onvoldoende kijken naar revenue-based financing, en omdat ze veel te hoge interne kosten hebben (veel te hoge salarissen, kantoren op toplocaties, en oude ICT-systemen).

Die krantenredacties horen hiervan op de hoogte te zijn en gewoon echte vragen gaan stellen aan het senior management van grootbanken, zoals HSBC, in binnen- en buitenland. Want grootbanken zijn helemaal niet zielig, ze zijn geen 'slachtoffer' van de rente van de ECB: ze hebben gewoon hun zaakjes niet op orde.

Blogs in deze serie:

Lees ook de andere blogs van Tony de Bree: Zin en onzin van een UBO register.