Financieel management worstelt met thuiswerken en inclusiviteit.

Door de coronacrisis en andere maatschappelijke ontwikkelingen veranderen ook de voorkeuren en wensen van financials. In een enquête gehouden door recruitmentorganisatie Robert Walters onder 5.500 werknemers en 2.200 bedrijven in 31 landen gaf 74 procent van de finance leaders aan dat thuiswerken de grootste verandering was voor financiële afdelingen als gevolg van de coronacrisis.

Natuurlijk had de overgang naar flexibel werken op veel afdelingen een grote impact, maar van alle backofficefuncties waren financials vóór de pandemie een van de beroepsgroepen waar thuiswerken het minst wortel had geschoten. Slechts achttien procent van de financiële professionals gaf aan ook pre-corona al volledig vrij te zijn geweest om thuis te werken.

Maar het massale thuiswerkexperiment is bevallen: ruim twee derde (70%) van de financials wil ook na de pandemie vaker thuiswerken. Zeventien procent wil dat zelfs fulltime doen.

En daar wringt voor veel CFO’s en senior managers binnen finance nu nog de schoen. Zij zijn bang dat werknemers thuis minder productief zijn (62%), vinden flexibel werken moeilijk te combineren met de traditionele bedrijfscultuur (59%) of maken zich zorgen over de kwaliteit van, of het gebrek aan, IT-middelen en de digitale infrastructuur (30%).

Tegelijkertijd blijkt uit verschillende onderzoeken dat de productiviteit van werknemers niet lijdt onder thuiswerken. En ook een andere grote bottleneck, het op afstand werken met gevoelige financiële data, lijkt een minder groot probleem te worden dab gedacht. Doordat thuiswerken door de pandemie de norm is geworden, hebben bedrijven veel sneller geïnvesteerd in de cloud en in beveiligde online systemen dan aanvankelijk gepland.

Om aan de wens van zowel financials als CFO’s en senior managers te voldoen, moet de laatste groep dus een evenwicht vinden tussen enerzijds het kantoor en anderzijds flexibel werken.

Ook uit een andere hoek staat het financiële team onder druk. Maatschappelijke ontwikkelingen hebben er voor gezorgd dat er ook door financials kritischer wordt gekeken naar diversiteit en inclusiviteit bij hun (toekomstig) werkgever.

In startersfuncties binnen finance en accounting ligt de man-vrouwverhouding ongeveer gelijk. De verhouding wordt echter steeds schever wanneer het om seniorposities gaat. Momenteel wordt slechts twintig procent van de finance-leiderschapsrollen wereldwijd vervuld door een vrouw.

Een derde van de financiële professionals geeft in het Robert Walters-onderzoek zelfs aan dat het inclusiviteitsbeleid van een organisatie een rol speelt bij het wel of niet accepteren van een baan. Om nieuw talent aan te trekken (en te behouden) doen CFO’s en senior managers binnen finance er dus goed aan om een doordacht diversiteits- en inclusiviteitsbeleid in te voeren.

Deze ontwikkelingen spelen tegen de achtergrond van een nijpend personeelstekort. Wereldwijd moeten organisaties flink werken om finance-talent aan te trekken en te behouden. Het helpt om dan een goed Employee Value Proposition (EVP) op te stellen. Dat is een profiel waarmee een bedrijf duidelijk maakt waarvoor het staat en wat mensen kunnen verwachten als ze werknemer worden.

Dan gaat het niet alleen om salaris en secundaire arbeidsvoorwaarden, maar ook om zaken als normen en waarden, verantwoord ondernemen, visie en bedrijfscultuur.

Uit de enquête van Robert Walters blijkt dat financials vooral worden aangetrokken door een fijne bedrijfscultuur en goede doorgroeimogelijkheden. De hang naar een prettige bedrijfscultuur toont zich onder andere via de wens om te werken bij een organisatie waar een goede balans heerst tussen werk en privé (48%), waar werk wordt gemaakt van inclusiviteit (31%) en waar inspirerende collega’s zijn (29%).

Tegelijkertijd vinden financials ook uitdagend werk (29%) en investeringen in trainingen en vaardigheden (22%) belangrijk.