De vliegtaks wordt naar verwachting verdrievoudigd, van ongeveer 8 euro naar zo'n 24 euro per vlucht.

Dat staat in de uitwerking van de Nederlandse plannen om een beroep te doen op Europese miljarden uit het herstel- en veerkrachtfonds. In ruil voor geld uit dat fonds moeten landen hervormingen doorvoeren, bijvoorbeeld op het gebied van klimaat.

Passagiers zullen vanaf 1 januari volgend jaar een hoger tarief over hun vliegticket betalen. Momenteel brengt de belasting zo'n 200 miljoen euro op. Daar moet 400 miljoen euro bij, stond al in het coalitieakkoord. Hoe het er precies uit gaat zien, wordt later duidelijk: de Kamer zal zich najaar buigen over het Belastingplan voor 2023. Het gaat om een belasting voor vluchten vanuit Nederland.

"De vliegbelasting heeft tot gevolg dat vliegen vanaf Nederlandse luchthavens duurder wordt. Hierdoor kunnen sommige reizigers afzien van reizen, anderen zullen een andere vervoerswijze kiezen, weer anderen zullen uitwijken naar buitenlandse luchthavens en een deel zal blijven vliegen", schrijft minister Sigrid Kaag (Financiën) aan de Tweede Kamer.

Maar voor de korte termijn zijn de effecten "relatief beperkt", verwacht de bewindsvrouw: er is juist veel vraag naar vluchten. Kaag verwacht "in de praktijk geen verminderde vraag".