Vanaf 16 maart: betalingstermijnen wettelijk vastgelegd

Momenteel schrijft de wet voor dat de betalingstermijn 'niet onredelijk' mag zijn. Vanaf 16 maart wordt deze termijn echter wettelijk vastgesteld. Voor betalingen tussen bedrijven onderling en tussen bedrijven en overheden gelden straks andere voorwaarden. Wat betekent dit voor u en waar moet u op letten?


Business-to-business (B2B)

Is er sprake van een betaling tussen uw bedrijf en een ander bedrijf, dan moet de betalingsovereenkomst aan de volgende voorwaarden voldoen:
- als u contractueel niets heeft geregeld, moet er binnen 30 dagen na de factuurdatum zijn betaald;
- in de overeenkomst mag u een langere betaaltermijn van maximaal 60 dagen afspreken;
- een betalingstermijn van langer dan 60 dagen is alleen toegestaan als u kunt aantonen dat dit voor geen van beide partijen nadelig is.

Bedrijven en overheden
Is er sprake van een betaling tussen uw bedrijf en een overheidsinstantie, dan moet er binnen 30 dagen na de factuurdatum zijn betaald. Het is vrijwel onmogelijk om van deze termijn af te wijken.

Geen of te late betaling
Betaalt uw tegenpartij de factuur niet of te laat? Dan mag u een standaardvergoeding voor incassokosten vragen. U hoeft hiervoor geen aanmaning te sturen. Heeft u niets afgesproken over de hoogte van de vergoeding? Dan is de vergoeding een percentage van de rekening. Het minimumbedrag van de vergoeding is 40 euro. Daarnaast mag u wettelijke rente in rekening brengen.

Minimumbetalingstermijn
Momenteel is er geen sprake van een wettelijke minimumbetalingstermijn. Ook in de nieuwe wet is er geen minimumbetalingstermijn opgenomen. U maakt hierover zelf afspraken met de tegenpartij en kunt daarbij zelfs afspreken vooraf te betalen. Hierbij geldt dat de betalingstermijn niet onredelijk mag zijn.

Bron: Grant Thornton