Een van de gevolgen van de aanslagen in Parijs is de hernieuwde aandacht van de politiek voor de financieringsstromen van de aanslagplegers en van ISIS. In dit blog legt Tony de Bree uit wat er na 9/11 gebeurde in het kader van de War on Terror en wat we daarvan kunnen leren.

Introductie 
Een van de dingen die me de afgelopen dagen is opgevallen in de berichtgeving rond de gebeurtenissen in Parijs en België is dat de praktische implicaties van de War on Terror na 9/11 grotendeels aan gewone burgers, maar ook aan Nederlandse politici en aan de media voorbij zijn gegaan. Dat is op zich ook logisch. Aangezien regeringsleiders en toezichthouders wereldwijd nu opnieuw maatregelen overwegen, is het verstandig een korte balans op te maken. 

Waar komt het geld vandaan? 
Een van de vragen die me tijdens een interview met BNR op 19 januari werd gesteld is: ‘waar komt het geld vandaan?’. Het antwoord op die vraag is niet eenvoudig te geven. In zijn algemeenheid kun je concluderen dat de financiering opnieuw, net als bij 9/11, van een aantal van onze bondgenoten in het Midden Oosten lijkt te komen. 

Daarnaast hebben we  te maken met persoonlijke giften en met inkomsten uit buitgemaakte gelden en andere goederen uit door ISIS bezet gebied en uit de verkoop van olie. Een van de belangrijkste constateringen is dat een onbekend gedeelte van de financiering waarschijnlijk contant plaatsvindt. Diamanten, goud en kunst spelen daar waarschijnlijk een belangrijke rol bij. Die kunnen gemakkelijk contant gemaakt worden lokaal en internationaal en ook relatief gemakkelijk vervoerd worden. 

Welke maatregelen zijn na 9/11 genomen? 
Na 9/11 is een groot aantal maatregelen genomen die een grote invloed op het wereldwijde financiële & bancaire systeem hebben gehad. Maatregelen in het kader van de Patriot Act,  Sanctiewetgeving & Client Acceptance & Anti-Moneylaundering. Het resultaat is dat het veel moeilijker is geworden om onder eigen naam (van personen en/of organisaties) ongezien digitale betalingen te doen. 

Veel van die wetgeving in de VS en Europa is zoals bekend grotendeels nog steeds van kracht. Daarnaast is ook de controle op vliegvelden zoals we allemaal hebben gemerkt enorm uitgebreid en wordt informatie ook steeds meer gedeeld tussen een aantal landen. Hetzelfde gebeurde trouwens niet zo lang geleden tussen Syrië en b.v. de Franse geheime diensten. Dit is nu volgens de Franse media om voor de hand liggende redenen gestopt. 

Aangezien offshore locaties een rol speelden en waarschijnlijk spelen bij de financiering is ook de druk op die locaties binnen Europa en in de VS om transparanter te worden en structuren duidelijker in kaart te brengen (b.v. met extra aandacht voor U.B.O.’s) enorm toegenomen sinds 9/11. Het resultaat is naar alle waarschijnlijkheid dat men voor de financiering meer gebruik is gaan maken van structuren en offshore locaties buiten de EU. En van andere vormen van betalen en financiering zoals hierboven reeds vermeld.  

Wat kunnen we van de War on Terror leren? 
Op het eerste gezicht kun je concluderen dat de digitale controle op het financiële en bancaire systeem wereldwijd enorm is toegenomen. ICT speelt hierbij een hele belangrijke rol. Voor zowel bestaande als nieuwe klanten als voor verschillende vormen van digitale betalingen en beleggingen zelf. Hoewel hier ongetwijfeld nog meer dingen mogelijk zijn, moet de effectiviteit hiervan niet overschat worden. Het is bijvoorbeeld relatief gemakkelijk om een valse identiteit aan te nemen of complexe structuren op te zetten.

Het resultaat is dus paradoxaal genoeg dat (een gedeelte van) de financiering waarschijnlijk plaatsvindt buiten het formele digitale financiële en bancaire systeem, in combinatie met het complexe structuren in allerlei offshore locaties. Daarnaast zal men ongetwijfeld op grote schaal valse paspoorten en lege of complexe structuren gebruiken.
   
In die zin speelt zich rond ‘terrorist financing’ dus eigenlijk iets vergelijkbaars af als rond de grenscontroles in het Schengen-gebied. Je kunt de vliegvelden wel bewaken en steeds meer informatie van en over reizigers op basis van o.a. digitale lijsten en ICT-systemen controleren en betalingen monitoren, maar het is in Europa relatief eenvoudig om de grenzen binnen Europa te passeren in je eigen auto, of zo de EU te verlaten of binnen te komen. Of je neemt gewoon anoniem de bus van en naar Brussel of Marseille. Net als dat je te voet de grens tussen Turkije en Syrië over kunt steken als je wilt.  

Tot slot, het zou naar mijn mening verstandig zijn als overheden en wetgevers juist op dit moment rekening houden met de effectiviteit van te nemen maatregelen voordat men nog meer wet- en regelgeving invoert die hoge invoeringskosten met zich meebrengen zonder dat het een aantoonbare impact op de betrokken financieringsstromen heeft.  
 
Tony de Bree heeft 26 jaar ervaring in en rond de internationale Financiële sector. Hij combineert een EEP MBA in o.a. Finance met een promotie bedrijfskunde over de digital ‘Transformation of Financial Services Companies’. Hij is adviseur voor grote organisaties en voor start-ups, online ondernemer, dagvoorzitter, spreker, gastdocent en auteur van ‘Dagboek van een bankier’. In zijn nieuwe boek, ‘Dinosauriër of krokodil’ schetst hij de belangrijkste aspecten van de digitale kenniseconomie, wat de nieuwe economische wetten in de digitale economie zijn, hoe je immateriele assets waardeert, welke nieuwe banen er ontstaan en hoe je een nieuw digital sociaal kapitaal meetsysteem construeert.