Provincies die aan Duitsland of België grenzen exporteren relatief meer naar de buurlanden. In Groningen, Overijssel, Gelderland en Limburg ligt het aandeel van goederen met Duitsland als bestemming boven het gemiddelde. Zeeland, Noord-Brabant en Limburg exporteren meer dan gemiddelde naar België.


Dit blijkt uit het kwartaalbericht regio’s van ING Economisch Bureau.

Buurlanden zijn bij uitstek voor de grensprovincies een belangrijke bestemming. Waarschijnlijk heeft nabijheid via het eenvoudiger kunnen leggen van handelscontacten, door bijvoorbeeld betere verbindingen en minder reistijd, een positief effect op de export.

Duitsland is voor Nederland en alle provincies afzonderlijk de grootste afnemer. Het aandeel in de totale provinciale uitvoer loopt uiteen van 36% voor Groningen tot 17% voor Friesland. In bijna alle aan Duitsland grenzende provincies  wordt meer dan gemiddeld naar het buurland geëxporteerd (zie figuur). België is in negen provincies de nummer twee. Ook voor België geldt dat dit land voor de buurprovincies meer dan gemiddeld van belang is als exportbestemming.

Technologische producten voor veel provincies het belangrijkst
Voor veel provincies zijn technologische producten, zoals machines en apparaten de grootste uitgevoerde productgroep. In Drenthe, Flevoland, Noord-Holland, Utrecht en natuurlijk Noord-Brabant worden deze producten het meest geëxporteerd. In Zeeland, Gelderland en Friesland vertegenwoordigen agrifood producten, zoals zuivel, land- en tuinbouwproducten en vlees de grootste uitvoerwaarde. Voor Overijssel en Limburg zijn chemische producten het grootste exportproduct. In Zuid-Holland en Groningen zijn dat olie en andere minerale brandstoffen zoals gas.  

Export kan in kleine exportregio toch een groot economisch effect hebben

Friesland, Drenthe, Flevoland en Zeeland nemen gezamenlijk nog geen 7% van de Nederlandse exportwaarde voor hun rekening. Toch is de export in die provincies niet van ondergeschikt belang. De omvang van de relatief kleine economie is hiervoor immers bepalend. Zo heeft de export in de Drenthe en Zeeland juist een bovengemiddeld aandeel in de regionale economie en doet de invloed van de export ook in Friesland en Flevoland nauwelijks voor het Nederlands gemiddelde onder. Daarentegen is de impact van de export in grootste exportprovincie Zuid-Holland (totaal gezien) juist iets minder dan landelijk gemiddeld.  

Bron: ING Economisch Bureau