Verzekeraars staan voor een fikse uitdaging. Vanuit Europa zijn in navolging van eisen aan banken inmiddels ook strengere financiële eisen voor verzekeraars in een richtlijn neergelegd. Daarmee wordt de impact van de sector erkend en wordt een norm voor de solvabiliteit in de toekomst niet alleen verwacht maar ook gecontroleerd.

Nog deze zomer moeten verzekeraars hun plan van aanpak voor de Nederlandse toezichthouder (DNB) gereed hebben zodat ze in 2012 ‘Solvency II-proof’ zijn. Maar uit de praktijk blijkt dat veel verzekeraars nog moeten beginnen met dit aanzienlijke project. Wellicht leeft de gedachte dat de soep niet zo heet wordt gegeten. De vraag is echter of DNB zich na de kredietcrisis nog enige coulance kan veroorloven.

De invoering van de nieuwe richtlijn ‘Solvency II’ zal voor verzekeraars een majeure business change betekenen. Het betreft namelijk niet alleen de invoering van een nieuw rekenmodel. Het raakt de core business, namelijk het verzekeren van risico’s en het beleggen van vermogen. Solvency II stelt hoge eisen aan het riskmanagement van verzekeraars. Tot op heden was het mogelijk om met de rug naar de toekomst en gericht op het verleden business decisions te nemen.

Met Solvency II zullen toekomstige risico’s op alle onderdelen binnen het verzekeringswezen snel inzichtelijk (moeten) zijn en tot op het bot te herleiden. Het is dus niet geheel onbegrijpelijk dat er binnen de sector enige aarzeling bestaat om te beginnen. Maar enkele ervaringsdeskundigen trekken – met recht – aan de bel. No time to waste! De toezichthouder eist nog deze zomer een plan van aanpak en de invoering voor 2012 betreft, zoals gezegd, een aanzienlijke business change voor de hele organisatie.

What if
Niet alleen de verzekeringsrisico’s maar ook de marktrisico’s en de operationele risico’s worden in Solvency II meegenomen. Het doel is om al deze risico’s inzichtelijk(er) te maken en te koppelen aan de solvabiliteit. Centraal staat daarbij de vraag: What if? Afhankelijk van de risico’s die een verzekeraar neemt zal er voldoende marge moeten worden ingebouwd om ook uitzonderlijke situaties het hoofd te kunnen bieden. Daarmee verzekerd de verzekeraar zichzelf en zijn klanten/polishouders tegen mogelijk onheil en kan hij – in theorie – te allen tijde aan zijn verplichtingen voldoen. Hoe meer spreiding er wordt gehanteerd en hoe simpeler of dichter bij de core business de verzekeraar blijft, des te minder kapitaal vereist zal zijn.

Echter de invoering van een model dat al deze zaken inzichtelijk maakt gaat niet vanzelf. De realiteit van veel verzekeraars is dat ze door fusiegolven en de dynamiek in de markt te maken hebben met een spaghetti aan IT en interne processen die risicoanalyse op dit moment vaak lastig maken.

Richard Plooijer, “De laatste 10 jaar is de omloopsnelheid van informatie vele malen sneller geworden. Solvency II is er op gericht om de beschikbaarheid van interne informatie in evenwicht te brengen met de snelheid en kwaliteit van besluitvorming die in de toekomst nodig is. Op dit moment zit er teveel vertraging en mist in de risicoanalyse. Met de toenemende snelheid van handelen worden vertragingen alleen maar risicovoller. Om te beginnen voor het bedrijf en de gehele sector, maar ook voor de maatschappij en de individuele consument. Klanten verlangen in toenemende mate meer zekerheid en meer overzicht en transparantie in het productportfolio.”

Return on risk
Solvency II is zo bezien het brevet van vermogen voor de toekomst. Rob Borggreve: “Het levert niet alleen de broodnodige transparantie maar biedt daarnaast inzichten voor een effectieve marktbenadering. Zo kan het bijvoorbeeld een meer adequate premiestelling opleveren, gegeven het risico dat verbonden is aan het product. Wij zien daarin een mogelijke voorsprong voor kleine, jonge maatschappijen. Zij hebben vaak nog niet die spaghetti aan IT en kunnen daardoor sneller aan de gestelde eisen van Solvency II voldoen.”

Richard Plooijer: “Het gaat binnen de sector steeds meer om return on risk. Natuurlijk moet je weten wat een verzekering kost en wat je overhoudt ten opzichte van de premie, maar om het beeld echt helder te krijgen voor het bedrijf, moet je ook weten wat de overige risico’s zijn. Weet je dat op een gegeven moment van een specifiek risico heel goed en specialiseer je je daarin, dan kan je – ook als kleine verzekeraar – zomaar de grootste worden in een bepaalde niche.”

Brevet van vermogen
Vooralsnog lijken de business opportunities nog niet overal te leiden tot actie, merken de specialisten. Jacques van den Doel: “Een aantal verzekeraars hebben het project neergelegd bij de actuaris. Ze zien het vooral als zijn pakkie an. En het is waar, daarmee hebben ze de kwantitatieve kant wel opgestart. Maar de organisatorische, procesmatige kant wordt dan onderschat. Op het moment dat het management in de toekomst kiest voor bijvoorbeeld een productinnovatie,  dan moet vanaf de start rekening gehouden worden met de nieuwe Solvency II eisen. Dit betekent dat ook de wijze van rapporteren en de interne communicatie opnieuw op orde gebracht moeten worden. In feite is het zo dat verzekeraars die hun complete interne organisatie tot op heden niet of nauwelijks hebben voorbereid, hiermee de komende periode tot aan de invoering hoofdzakelijk mee bezig moeten zijn. Alleen dan kunnen ze zich zeker stellen van het gewenste brevet van vermogen na 2012. Vanwege die urgentie zeggen wij: Solvency II moet door de top van het bedrijf worden opgepakt als prioriteit. En snappen wij ook dat DNB nog deze zomer een plan van aanpak wil zien. Hoewel er vooralsnog geen directe consequenties bekend zijn voor verzekeraars die hun plan niet klaar hebben, verwachten wij dat de markt en de toezichthouder er bovenop zullen zitten. Een mogelijke reputatieschade is meer dan ongewenst voor bedrijven die juist een betrouwbaar imago wensen. Vandaar ons advies: ga aan de slag!”

Blauwdruk
Een mogelijke reden voor de aarzeling in de markt zijn de bestaande onduidelijkheden ten aanzien van de specifieke inrichting. Richard Plooijer: “DNB heeft ervoor gekozen ruimte te laten aan de verzekeraar door geen blauwdruk voor het plan op te leggen. Dit betekent dat er een intern model gehanteerd kan worden dat optimaal recht doet aan de specifieke business. Dit betekent echter ook dat iedereen nu wel zelf het wiel moet uitvinden. En het risico bestaat dat met het gekozen model onvoldoende aan de solvabiliteitseisen wordt voldaan. Dus betrek DNB zo optimaal mogelijk, zodat men ziet dat de wetgeving en risico-inschatting serieus wordt genomen.”

Daarnaast leeft het idee dat het maken van het plan wel meevalt. En dat het neerleggen van het project bij de actuaris voorlopig voldoende actie is. Maar Solvency II behelst zoals gezegd meer dan alleen een verantwoording van de cijfers. Rob Borggreve: “Alle wensen die de verzekeraar heeft in de toekomst, of het nou gaat om productontwikkeling of een investering, moeten aangestuurd worden op basis van rendement, risico en kapitaal. Vanuit de Solvency II richtlijn moet alle onderliggende informatie, komend uit de ‘rapportagestraat’, op ieder gewenst moment zijn te herleiden naar de brongegevens. En ook nog veel sneller dan voorheen. Dus waar komen deze cijfers vandaan? Welke veronderstellingen en inputgegevens liggen eraan ten grondslag? Deze vragen grijpen dieper in op de organisatie dan je wellicht van te voren kunt overzien.”

Praktijkervaring
Wat de reden van de mogelijke vertraging ook is, de drie deskundigen adviseren onmiddellijk te starten met een plan van aanpak. Lastig aan het traject is inderdaad dat de regelgeving nog ontwikkeld wordt. Jacques van den Doel: “Er is flexibel programma-management nodig dat te allen tijde kan meebewegen met de nieuwe inzichten. Voor zowel kleine als grote maatschappijen is het ondoenlijk dit proces alleen te doen. Er is expertise en mankracht van buiten nodig. Diverse consultants storten zich inmiddels op Solvency II, maar ook voor hen is de berg die beklommen moet worden nieuw. Zeer ervaren specialisten op het gebied van verzekeren, IT en programma-management zijn nodig om deze uitdagende klus te klaren. Door onze concrete ervaring met het opzetten van een plan van aanpak en de implementatie van Solvency II, worden we inmiddels door diverse partijen benaderd. Dus wat dat betreft zien we de markt nu wel in beweging komen. En dat is in feite onze hoofdboodschap: Nu actie isecht nodig! De klus die moet worden geklaard is intensief en langer wachten maakt het probleem alleen maar groter.”


Ervaring in de markt is schaars. Maar het is er wel en het leert ons een aantal dingen:

De aanpak, het traject, moet vanuit de top geïnitieerd worden. Het belang moet daarbij niet onder stoelen of banken geschoven worden. Er dient voldoende intern draagvlak te zijn en eventuele weerstand moet gepareerd worden.

De hele organisatie moet van het belang doordrongen zijn. Het is niet de verantwoordelijkheid van één afdeling. Alle afdelingen moeten meegaan, begrijpen waar het om gaat en inzien op welke punten en met welke impact hun dagelijkse gang van zaken moet mee veranderen.
Neem niet teveel hooi op uw vork. De business opportunities zijn absoluut aanwezig, maar concentreer in eerste instantie op de wettelijke verplichtingen. Dan kunnen de extra wensen daarna alsnog toegevoegd worden.

Eerste stap kan zijn: workshop Solvency II plannen met zowel top als leidinggevend kader. Daarin wordt in één dag haarscherp duidelijk waar u met uw specifieke bedrijf staat in het proces richting Solvency II. Wat is het gat dat u moet dichten, welke milestones zijn er voor dit jaar en welke voor de periode tot 2012?


De heren Rob Borggreve, Jaques van den Doel (beiden partners in Were 2) en Richard Plooijer (Lumix Consultancy), hebben inmiddels ervaring opgedaan met Solvency II implementatieprocessen op de werkvloer bij verzekeraars. Voor meer informatie kunt u de website bezoeken: were2.nl. U kunt ook mailen naar: [email protected] en/of: [email protected].