Rechten en plichten bij boekencontrole

Soms vraagt de belastingdienst om inlichtingen of vindt er een boekencontrole plaats. Niemand vindt het leuk dat de fiscus zomaar kan komen rondsnuffelen, maar wat zijn eigenlijk de rechten en plichten in zulke situaties?

Uit een uitspraak van de Rechtbank Haarlem op 7 augustus blijkt in ieder geval dat meewerken aan een boekencontrole verplicht is. De Rechtbank stelde, een ondernemer die categorisch weigerde mee te werken aan een boekencontrole, in het ongelijk.

Door de weigering had hij zijn standpunt namelijk niet kunnen bewijzen. In de wet is bepaald dat iedere belastingplichtige aan de fiscus gegevens en inlichtingen moet verstrekken die voor de belastingheffing van belang kunnen zijn. Daartoe dienen boeken, bescheiden en andere gegevensdragers beschikbaar te worden gesteld.

De gegevens moeten ‘duidelijk, stellig en zonder voorbehoud’ worden verstrekt en de inspecteur mag kopieën maken. Moet nu aan elk verzoek om inlichtingen worden voldaan? Gelukkig niet. De genoemde bepaling is beperkt tot gegevens die van belang zijn voor de eigen belastingheffing. U hoeft meestal geen inlichtingen te verstrekken die voor u geen fiscale gevolgen hebben.

Ook bij algemene boekencontroles hoeft dus niet ieder document uit de administratie overlegt te worden. Wanneer de administratie altijd goed geordend is, heeft u daar altijd profijt van. Ten tweede hoeft u niet altijd gegevens te verstrekken over de belastingheffing van een ander, bijvoorbeeld een afnemer.

En tot slot heeft de inspecteur een eigen onderzoeksplicht. Hij mag op basis van de opgevraagde gegevens niet altijd een navorderings- of naheffingsaanslag opleggen. In de praktijk is dit nogal eens onderwerp van discussie; vaak komt er een rechter aan te pas om te beoordelen of naheffing/navordering terecht is.

 

Bron: Tijdschrift Financieel Management: Jaarverslag ism KPMG