Hoogopgeleide zzp’ers geven de vertrouwensrelatie met de landelijke politiek een 4,6.

Dit blijkt uit onderzoek van HR-dienstverlener HeadFirst Group, waar ruim tweehonderd zelfstandig professionals (zp’ers) aan hebben deelgenomen. Aan de lage score liggen redenen ten grondslag als twijfel over de deskundigheid en het gevoel niet gewaardeerd en slecht vertegenwoordigd te worden. Han Kolff, CEO bij HeadFirst Group, neemt de verantwoordelijkheid bij te dragen aan het herstel van dit vertrouwen: “Geef zp’ers een zelfstandige plek in de SER en ga laagdrempelig in gesprek met alle type zzp’ers die Nederland rijk is. Wij spelen graag de verbindende rol om beide werelden dichter bij elkaar te brengen.”

Politiek vertrouwen historisch laag
Eerder toonde onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau dat het vertrouwen in de politiek in het eerste half jaar van 2021 sterk daalde. De
vastgelopen formatie, de aanpak van het corona-beleid en de politieke nasleep van de toeslagenaffaire lagen hieraan ten grondslag. Dit zijn ook redenen die onder zp’ers vaak worden genoemd.

Wat echter voor zp’ers een veel grotere rol speelt, is het gevoel dat er onvoldoende vertegenwoordiging is in het besluitvormingsproces. Zij ervaren dat er voornamelijk wordt geluisterd naar de traditionele polderpartijen, zoals vakbonden en werkgeversorganisaties. Daarnaast storen zp’ers zich aan het feit dat alle type zzp’ers over één kam worden geschoren en er in politiek Den Haag een verkeerd beeld over zp’ers bestaat: ‘calculerende zzp’ers met fiscale voordelen’ in plaats van ‘hardwerkende, gepassioneerde zzp’ers die bewust kiezen voor het ondernemerschap’. Tot slot twijfelen zp’ers over de dossierkennis van politici en of zij wel in staat zijn vraagstukken op de arbeidsmarkt op te lossen. De onduidelijkheid en onuitvoerbaarheid van wet- en regelgeving voor zzp’ers, de wet DBA in het bijzonder, werd hierbij vaak als voorbeeld genoemd.

Bouwen aan het vertrouwen
Alhoewel de vertrouwensrelatie onder druk staat, ziet Kolff perspectief om deze te herstellen. Een belangrijk punt, dat in lijn ligt met het ‘Document op hoofdlijnen’ van de VVD en D66, is de vertegenwoordiging en zelfstandige positie van zzp’ers in de Sociaal Economische Raad. “Dit geeft zp’ers een centrale plek in het besluitvormingsproces, zodat de belangen beter gehoord kunnen worden”, licht Kolff toe.

Daarnaast is het volgens hem wenselijk zp’ers direct in contact te brengen met Kamerleden om hun zorgen, keuzes voor het ondernemerschap en praktische knelpunten te delen en te bespreken. Deze kennisuitwisseling zal een positief effect hebben op de informatiepositie en het kennisniveau van politici. “Onze kerntaak als arbeidsmarktplatform en -dienstverlener is verbinden. Deze taak vervullen we ook graag tussen zp’ers en de politiek, zodat we met elkaar op een constructieve manier het debat kunnen voeren over de toekomst van de Nederlandse arbeidsmarkt en de rol van zp’ers daarin”, aldus Kolff.