Politiek investeren

Multinationals die hun pijlen richten op zakendoen in opkomende landen, hebben niet genoeg aan de mening van economen en strategen alleen. Voor alle lokale politieke kwesties kloppen zij in groten getale aan bij Eurasia Group. CFO Magazine vraagt oprichter en president van het internationale consultancybedrijf, Ian Bremmer, onder meer naar de invloed van de politiek op wereldwijde financiële markten, de olieprijs en landen waar je momenteel wel of juist niet moet zijn: Rusland is 'the perfect place to be'.

Bremmer is de absolute publiekstrekker op de zevende CFO Day in Noordwijkerhout. Op dag 2 van het evenement, dat speciaal in het leven is geroepen voor financiële beleidsbepalers van grote en middelgrote ondernemingen, mag Bremmer het startschot geven.

In het Atrium van hotel Leeuwenhorst is om 9.15 uur bijna geen stoel meer vrij als Bremmer zijn relaas inzet. Het thema van zijn verhaal is het behalen van een hoge performance bezien vanuit een wereldwijd perspectief, risicomanagement en opkomende markten.

Het tempo waarin de Amerikaan zijn verhaal de zaal in slingert, is erg hoog, maar door zijn enorme schat aan kennis en kunde betreffende wereldwijde politieke aangelegenheden hangen alle aanwezigen doorlopend aan zijn lippen en verveelt de speech eigenlijk geen enkel moment.

Aan het einde van een zeer enerverende dag heeft Bremmer nog even tijd voor een kort interview met Chief Financial Officer. Met bril en zonder das oogt de New Yorker enigszins vermoeid wanneer we hem persoonlijk de hand mogen schudden in de boardroom waar hij gedurende het evenement tijdelijk zijn intrek heeft genomen.

Wanneer hij aanschuift aan tafel, slaakt Bremmer eerst een zucht: “Het was een lange dag. Nu ga ik eerst nog naar Amsterdam, waar ik vanavond en morgen een paar klanten ontmoet, en daarna vlieg ik weer naar huis.”

Bremmer is een drukbezet en gewild spreker. Met zijn bedrijf Eurasia Group adviseert hij ongeveer 300 financiële instituten en multinationals wereldwijd. “Wij proberen te begrijpen hoe politiek de wereldwijde financiële markten beïnvloedt”, zo legt hij uit.

“Op Wall Street lopen duizenden economen en strategen rond die alles van de markt weten, maar eigenlijk geen van allen ook over de broodnodige kennis van de wereldpolitiek beschikken. Voor het verkrijgen van dit soort informatie kloppen bedrijven daarom bij Eurasia Group aan.”

Bij de onderneming van Bremmer werken momenteel ongeveer 100 mensen, die verdeeld zijn over kantoren in New York, Londen, Washington en Tokio.

 

MENEER CHAVEZ

De olieprijs was een van de eerste onderwerpen die Bremmer eerder op de dag aanhaalde in zijn speech, en daarom vragen wij hem ook maar meteen naar de invloed van prijsbewegingen in het zwarte goud.

“Een sterke stijging van de olieprijs, zoals we die de afgelopen tijd hebben meegemaakt, is van grote invloed op de richting waarin wereldwijde kapitaalstromen vloeien”, zo meent Bremmer. “Bij een hoog prijsniveau vergaren politiek instabiele landen snel rijkdom. Meneer Chavez was als president van Venezuela al lang exit geweest, wanneer de olieprijs 30 dollar zou bedragen. Maar nu er 130 dollar per vat wordt neergeteld, krijgt hij zo veel macht dat hij kan aanblijven.”

Bremmer stelt dat de wereldwijde politieke balans ernstig wordt verstoord, wanneer geld uit politiek stabiele en ontwikkelde landen wegvloeit en vervolgens verdwijnt in de staatskassen van armere landen, waar een meer volatiel politiek klimaat heerst. En het lijkt erop dat er aan deze trend voorlopig nog geen einde komt.

“Op de lange termijn zal de olieprijs zich aanhoudend cyclisch omhoog bewegen”, aldus Bremmer. Om deze beweging tegen te gaan zijn er volgens hem nieuwe energietechnologieën plus -infrastructuur benodigd.

“Dat laatste is misschien nog wel belangrijker dan het ontwikkelen van nieuwe technologieën. Amerika heeft de kennis, maar beschikt niet over de mogelijkheid om nieuwe energiebronnen te gebruiken en te distribueren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de voorzieningen op tankstations. Op den duur zullen er zeker nieuwe energiesoorten hun opwachting maken in deze wereld, maar dat zal zeker niet binnen vijf tot tien jaar het geval zijn.”

“Wanneer een CFO besluit te investeren in opkomende markten, moet hij zich absoluut realiseren dat er significante verschillen bestaan met rijke landen. Bijvoorbeeld als het gaat om de wijze waarop bedrijven zakendoen, en kwesties met betrekking tot lokale regelgeving.”

Zo luidt het antwoord dat Bremmer geeft, wanneer we hem vragen naar enkele belangrijke tips voor financiële topmensen die met dergelijke investeringsplannen rondlopen: “De omgeving in opkomende markten is beduidend minder voorspelbaar dan in die in de thuisregio.

Anderzijds levert het wel meer op wanneer je het lef hebt om de stap te nemen. De economische groei ligt in dit soort gebieden veelal hoger, waardoor het winstpotentieel en de kansen ook groter zijn.” Veel financials hebben door de kredietcrisis, die ongeveer één jaar terug in de VS ontstond en zich als een olievlek over de rest van de wereld verspreidde, recentelijk een goede les geleerd.

“Veel bankiers waren erg blij om heel snel en heel veel geld te kunnen verdienen, zonder zich daarbij te realiseren dat het neerwaartse risico net zo sterk toenam.” Investeren in risicovolle vermogensbestanddelen gaat volgens Bremmer gepaard met het gebruik van meer hedgetechnieken, een actieve strategie en mogelijk het betrachten van meer voorzichtigheid als het gaat om het aanwenden van onderliggende reserves.

“Het opzetten van de juiste infrastructuur en het vinden van de goede mensen is in China ook aanzienlijk lastiger dan thuis.” De risico’s en kansen verschillen vanzelfsprekend per land en regio. “Zelfs per sector”, voegt Bremmer daar nog aan toe.

De wereld moet zich volgens hem terdege realiseren dat Amerikaanse en Europese multinationals in toenemende mate meer risicovolle portfolio’s gaan beheren: “Het wordt hierdoor moeilijker om de onderliggende waarde en liquiditeit goed te kunnen bepalen. En als je CFO bent, dan zijn deze beide zaken van wezenlijk belang.”

 

WAPENVERKOOP

Zoals gezegd speelt de sector waarin een bedrijf opereert een belangrijke rol bij het al dan niet investeren in politiek instabiele regio’s. “Je kunt in The Wall Street Journal lezen dat analisten positief of negatief gestemd zijn over een bepaald land, maar daar koopt een gemiddelde CFO in de regel vrij weinig voor. Hij heeft op maat gesneden advies nodig, dat bijvoorbeeld gebaseerd is op een bepaalde tijdshorizon of een specifieke branche.”

Het behoeft volgens Bremmer geen uitleg dat China momenteel grote kansen biedt aan investeerders. “Bijna elke multinational opereert in China. China telt 1,3 miljard inwoners, de lokale arbeidskosten zijn extreem laag, het opleidingsniveau is hoog en het land kent een onderontwikkelde infrastructuur.

Dat biedt veel mogelijkheden, maar het roept tevens de nodige vragen op. Hoe en met wie ga je eigenlijk samenwerken? Wie zijn je partners? En hoe gaan zij jouw business ter plekke faciliteren? Of gaan ze juist met je concurreren?”

Bremmer vindt het van groot belang dat bedrijven goed nadenken over de bescherming van intellectuele eigendommen en technologieën die worden meegenomen naar onbekende markten.

“Je hebt juridisch geen poot om op te staan, wanneer de Chinezen de aanval op je inzetten”, aldus Bremmer. “En als het dan gebeurt dat een bedrijf door lokale concurrenten uit de markt wordt gedrukt, moet er een goede exit-strategie voorhanden zijn.”

Er bestaan maar weinig ondernemingen die het belang hiervan onderkennen. Het ‘stelen’ van importbusiness door – vooral – Chinezen, is momenteel volgens Bremmer aan de orde van de dag: “De wapenverkoop van Rusland aan China is de afgelopen tijd met twee derde gedaald. Dat is opmerkelijk, omdat China zijn militaire activiteiten juist fors wil uitbreiden. De Chinezen zijn nu blijkbaar zelf in staat hun wapentuig te fabriceren. Straks zal er hetzelfde gebeuren als het gaat om het vervaardigen van bijvoorbeeld auto’s en vliegtuigen.”

Een land waar bedrijven hun geld volgens Bremmer momenteel absoluut moeten investeren, is Rusland: “De groei van het Russische bruto nationaal product zal erg solide zijn”, stelt Bremmer. “Dat komt vooral doordat Rusland een significante opkomende welstandsklasse heeft.”

De Russische overheid is naar zijn idee slim genoeg om te begrijpen dat alle sectoren waarin het land zelf niet investeert, buitenlandse investeerders zullen aantrekken. De Russen willen ook daadwerkelijk dat ondernemingen die elders uit de wereld afkomstig zijn, bijdragen aan de ontwikkeling van de infrastructuur, farmacie en automotive industrie, aldus Bremmer.

“Als Boeing zijn technologische ontwikkeling wil outsourcen, is Rusland ‘the perfect place to be’”, zo claimt hij. Russen investeren maar heel weinig in hun eigen land. Zij verwachten niet dat een lokale investering op de lange termijn heel erg winstgevend zal zijn, gezien de heersende onzekerheid over de politieke toekomst.

Wanneer we Bremmer vragen naar enkele andere landen die op dit moment een aantrekkelijk politiek klimaat voor bedrijven hebben, noemt hij naast Rusland ook Taiwan. Hij komt daarnaast op de proppen met een wel heel opmerkelijke naam: Pakistan.

“In de context van andere frontier-markten lijkt Pakistan goedkoop. Iedereen dacht dat het conflict met Afghanistan verder uit de hand zou lopen, maar dat bleek niet het geval te zijn.” Pakistan heeft inderdaad het ergste leed achter de rug. Bremmer: “Het lokale partijensysteem is misschien niet ideaal, maar de politiek ontwikkelt zich desondanks in gunstige richting.”

Heel belangrijk is daarnaast dat de militaire macht van Pakistan is afgenomen. “Natuurlijk is er nog gerommel aan de grens met Afghanistan, maar wanneer je wilt investeren in Pakistan, dan weet je dat.”

Sectoren waarin Bremmer in Pakistan een enorm potentieel ziet, zijn telecom en consumentengoederen. De investeringskansen in infrastructuur blijven volgens hem vooralsnog achter, hoofdzakelijk vanwege de bestaande bureaucratie en problemen op het gebied van regelgeving.

“Appartementen en/of driesterrenhotels zullen misschien langzaam verrijzen in Pakistan.” Tijdens het rondetafelgesprek dat volgde op het openingsseminar van Bremmer, werd uit de zaal per mobiele telefoon een vraag gemaild over het huidige investeringsklimaat in Nederland.

Bremmers antwoord luidde toen: “Volgende vraag.” Aan het einde van het vraaggesprek kunnen we het toch niet laten om deze vraag nog een keer aan hem voor te leggen. “In ontwikkelde gebieden doet politiek er eigenlijk niet méér, of misschien wel minder toe dan economische kwesties.

Daarom besteed ik zeer weinig van mijn tijd aan onderzoek naar politieke kansen en risico’s in Nederland. Een CFO die in dit land wil investeren, klopt ook echt niet bij Eurasia Group aan om advies. De wereld verplaatst zich steeds verder in de richting van minder ontwikkelde regio’s. Daar richt ik dus ook mijn pijlen op.”

 

Wie is Ian Bremmer?

Ian Bremmer is de hoogste baas en oprichter van Eurasia Group, ’s werelds grootste consultant op het gebied van politieke risico’s. Met zijn bedrijf voorziet hij 300 multinationals van advies over investeringskansen en risico’s in opkomende markten en andere risicovolle gebieden. Hij heeft in het verleden onder meer geschreven voor de Financial Times, Harvard Business Review en The Wall Street Journal en geeft tegenwoordig regelmatig politiek commentaar op televisie, onder andere bij CNN en CNBC. Daarnaast is de in New York woonachtige Bremmer auteur van vijf boeken.