De pensioenuitkering van de gemiddelde beschikbare premieregeling is in het eerste kwartaal van 2016 met 10 procent gedaald. Dat blijkt uit de Pensioenvergelijker van Aon Hewitt.

De Pensioenvergelijker is een index waarmee Aon Hewitt ieder kwartaal de potentie van beschikbare premieregelingen peilt.

Marktrente en beurzen

De index staat per eind maart 2016 op 81 punten, een daling van 9 punten ten opzichte van eind december 2015. Deze daling wordt grotendeels veroorzaakt door een daling van de marktrente als gevolg van het opkoopprogramma van de ECB. Het is steeds waarschijnlijker dat de rente voorlopig laag blijft. Daardoor blijft de prijs voor het aankopen van pensioen bij beschikbare premieregelingen hoog. Zelfs de optimistische vooruitzichten zijn door de aanhoudend lage rente een stuk ongunstiger geworden. Zo daalde de optimistische verwachte uitkering van een 40-jarige in het eerste kwartaal van dit jaar met 13 procent.

Vergelijking met middelloon

 De lage renteverwachting is ook ongunstig voor pensioenfondsen; de beleidsdekkingsgraad voor pensioenfondsen daalde in het eerste kwartaal van 104 naar 102 procent. Omdat pensioenfondsen deze last wel beter kunnen spreiden, is de verwachte uitkering van een middelloonregeling bij een pensioenfonds minder sterk gedaald.

Premiestaffels

De inleg van de gemiddelde beschikbare premieregeling volgt uit een staffel die gebaseerd is op een rekenrente van 3 procent. Door de lage rentestanden lukt het de gemiddelde deelnemer in een neutraal scenario niet om op een middelloonuitkomst te komen. Gezien de huidige lage rentestanden wordt feitelijk te weinig ingelegd. Verzekeraars springen daarop in door ook staffels met een rekenrente van 2 of 2,5 procent aan te bieden. Daardoor stijgen de premielasten voor de beschikbare premieregeling.