Overheid onderschat toegevoegde waarde incassobranche

Het Wetsontwerp Incassokosten laat pijnlijk duidelijk zien dat de overheid nog steeds een verkeerd beeld heeft van het maatschappelijk en economisch belang van de incassobranche. Het wetsontwerp gaat alleen over incassokosten. De regulering van de branche is geheel buiten beschouwing gelaten en sancties voor dubieuze incassopraktijken zijn niet in het wetsvoorstel opgenomen.

Dit stelt Hans Wittermans, bestuurslid van de Nederlandse Vereniging van Incasso-ondernemingen (NVI). Uit onderzoek van de NVI, uitgevoerd door PricewaterhouseCoopers, blijkt dat incassobureaus, aangesloten bij de NVI, jaarlijks verantwoordelijk zijn voor het invorderen van 3 miljoen vorderingen met een gezamenlijke waarde van 3 miljard euro. Ruim 80% van deze vorderingen wordt opgelost in de minnelijke fase door de incassobureaus.

Minder dan 20% gaat uiteindelijk door naar het gerechtelijke traject. Wittermans: ‘Het is onbegrijpelijk dat de overheid verzuimt om onderzoek te doen naar welke economische en maatschappelijke bijdrage de incassobranche daarmee levert. Zonder incassobureaus komt een groot deel van de 3 miljoen vorderingen direct in het gerechtelijk traject terecht. Het duurt in dat geval maanden langer voordat de vorderingen geïncasseerd zijn. De inningkosten voor het bedrijfsleven en voor consumenten zouden dan met ruim een miljard stijgen. De huidige kosten voor een minnelijk incasso traject zijn slechts een fractie van deze kosten.’

Met de huidige invulling van het Wetsvoorstel Incassokosten doet de overheid een stap in de goede richting. Wetgeving voor deze branche is wenselijk, maar dan vooral wetgeving die de branche reguleert. Dit wetsvoorstel is echter onvoldoende doordacht en heeft forse consequenties.  

Incassobureaus kunnen voor kleinere vorderingen niet meer kostendekkend werken met als gevolg dat het aantal gerechtelijke zaken explosief stijgt. Wittermans luidt de noodklok. De overheid frustreert de minnelijke incasso met het Wetsvoorstel Incassokosten en dit betekent honderden miljoenen extra inningkosten voor het bedrijfsleven en de consument. Bovendien  zal het gerechtelijk apparaat volledig overbelast raken.

De overheid moet het wetsvoorstel herzien. Wittermans pleit voor een complete regulering van de incassobranche met passende wet- en regelgeving, waarin niet alleen de incassokosten zijn geregeld, maar ook de kwaliteit van de incassobureaus. De overheid moet de toegevoegde waarde inzien van de incassobranche en de dialoog met de incassobranche aangaan. ‘Zonder minnelijke incasso draait de economie niet’, aldus Wittermans.