Half miljoen euro open

Een kredietcheck uitvoeren op potentiele klanten loont, zeker nu blijkt dat vennootschappen bij een faillissement gemiddeld 484.000 euro aan onbetaalde schulden achterlaten.

Achter het net vissen. Uitermate vervelend, want de schuldeiser kan in veel gevallen achteraan aansluiten. In ieder geval achter de Belastingdienst. Een goed creditmanager zal zijn blik dus op de voordeur werpen. Daar waar klanten worden geaccepteerd en waar afspraken over betalingsregelingen worden gemaakt. Een check van het krediet is daarbij een absolute must. Overigens is die check niet zaligmakend. Bureaus die dergelijke creditchecks aanbieden liggen altijd een aantal maanden achter op de werkelijkheid van vandaag de dag. En in een aantal maanden kan veel gebeuren. Kan een bedrijf zelfs failliet gaan. Maar toch, het is een van de signalen die de creditmanager ter beschikking staan. Signaal Een ander signaal geeft het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dat bureau berekende onlangs dat vennootschappen bij een faillissement gemiddeld 484.000 euro open laten staan. Een duidelijke oproep tot voorzichtigheid. Bij een bankroet van eenmanszaken is het bedrag 160.000 euro. Particulieren die failliet gaan laten gemiddeld 81.000 euro onbetaald achter. CBS-econoom Michiel Vergeer nuanceert dit bedrag. 'Een aantal uitschieters trekt het bedrag flink omhoog. Bij de helft van de faillissementen van particulieren blijft minder dan 23.000 euro openstaan, bij de andere helft meer dan dat bedrag.' Het aantal faillissementen onder bv's en nv's bleef in de eerste vier maanden van 2005 nagenoeg hetzelfde als in dezelfde periode in 2004. Er gingen 1.785 vennootschappen en 516 eenmanszaken op de fles. 'Het aantal ligt bij vennootschappen op een stabiel hoog niveau', aldus Vergeer. 'Maar onder eenmanszaken is sprake van nogal een stijging. Deze betreft vooral kleinere bedrijven die op de binnenlandse markt zijn gericht. De binnenlandse vraag blijft namelijk nog achter, terwijl in de export daarentegen een opleving is te zien.' Daling Een kredietverzekeraar becijferde onlangs dat - in tegenstelling tot Nederland - wereldwijd in 2004 een daling van het aantal faillissementen van 5 procent was te zien. De ontwikkeling van het aantal faillissementen hangt samen met de groei van het bruto binnenlands product. In Nederland moet het BBP een stijging van ongeveer 2 tot 3 procent laten zien om het totaal stijgend aantal faillissementen een halt toe te roepen. Die groei laat nog op zich wachten. De Eurozone als geheel laat een groeipercentage van 1,2 procent zien. Deze lage groei zorgt volgens het onderzoek voor een stijging van het aantal faillissementen in 2005 van 2 procent en in 2006 van 1 procent. Voorzichtigheid bij het aannamebeleid van klanten blijft dus nog wel even geboden.