Marcel Boekhoorn, de nieuwe eigenaar van HEMA, wil naar verluidt een deel van de winkels verkopen aan franchisenemers.

Volgens het Financieele Dagblad wordt de opbrengst gebruikt voor verdere uitbreiding in het buitenland.

Franchisenemers hebben een enigszins merkwaardige positie. Ze zijn zelfstandige ondernemers, maar hun winkels, restaurants of andere vestigingen werken onder de vlag van een groter merk. Zo werken internationale fastfoodketens als McDonald's, Burger King en KFC met veel franchisenemers.

In Nederland zijn franchiseondernemingen goed voor een jaarlijkse omzet van 53,5 miljard euro, zo stelt de belangenorganisatie BVFN. De circa 33.000 Nederlandse franchisezaken bieden volgens onderzoeksbureau Panteia bovendien werk aan 331.800 medewerkers.

Franchiseformules hebben voor grote ketens een groot voordeel: de ondernemers dragen veel risico's van het ondernemerschap, terwijl ze zelf vaste afdrachten ontvangen voor bijvoorbeeld de inkoop van ingrediënten en het gebruik van de merknaam. Zo is McDonald's de afgelopen jaren zwaarder op franchisenemers gaan leunen om kosten te besparen. In theorie profiteren franchisenemers van een goed lopend bedrijfsmodel, zodat ze het wiel niet zelf uit hoeven te vinden.

Dat laatste is nogal eens een punt van discussie tussen de zelfstandige ondernemers en het 'hoofdkantoor'. Zo lagen franchisenemers van HEMA tot voor kort in de clinch met het bedrijf, omdat ze ontevreden waren over de verdeling van de kosten voor onlineverkopen. Achter dit conflict werd een punt gezet na de overname van HEMA door Boekhoorn.