"Familiebedrijven vaker op zoek naar externe financiers"

Door de crisis hebben veel familiebedrijven fors moeten interen op hun reserves en moeten zij vaker op zoek naar externe financiers. Dit blijkt uit het onderzoek 'financiering van het familiebedrijf' van adviesbureau BDO en de Tias School for Business and Society.

Ondanks de geslonken reserves blijven familiebedrijven terughoudend met het aantrekken van externe financiering. Van de geënquêteerde familiebedrijven geeft 78% aan bij voorkeur geen beroep te doen op externe financiering. “Maar door de financiële crisis is zelfs bij veel traditioneel behoudende familiebedrijven het vet van de botten, waardoor de behoefte ontstaat aan externe financiering”, zegt Simon Mulder van BDO Haarlem. Voornamelijk familiebedrijven met een lage solvabiliteit hebben deze behoefte. 

Extern kapitaal wordt voornamelijk aangetrokken wanneer er een duidelijk bestedingsdoel is. Familiebedrijven lenen vooral voor werkkapitaalverschaffing of investeringen. “Opvallend genoeg lenen familiebedrijven liever geen geld voor het financieren van innovatie of nieuwe technologie. Dat bekostigen ze liever met eigen geld, of ze stellen de investeringen uit”, aldus Eduard Rijkaart van BDO. Ook acquisities worden bij voorkeur met eigen middelen gefinancierd. 

Familiebedrijven maken ook minder vaak de gang naar de bank voor een lening. Slechts de helft van de familiebedrijven heeft nog een lening bij de bank. BDO stelt dat banken door de crisis kieskeuriger geworden met het verstrekken van leningen. Daarnaast zijn familiebedrijven niet gewend om veel openheid van zaken te geven. “Familiebedrijven zijn bovendien financieel behoudend ingesteld en fiscaal gedreven. Ze zijn gewend om de resultaten eerder te drukken dan ze op te kloppen. Ook dat helpt niet bij het verkrijgen van een lening”, vertelt Mulder.