De relatie tussen het recht op privacy en het bankgeheim

Het bankgeheim is van oudsher een gevoelig issue. Discussies over de vraag hoe ver dit bankgeheim reikt en wanneer de privacy plaats moet ruimen voor een al dan niet hoger belang zijn nooit ver af. In de samenleving situeert het probleem van de geheimhouding zich op het snijvlak van twee specifieke rechten, namelijk het recht op privacy en het recht op informatie.

 
Privacy

Het begrip privacy heeft onder meer te maken met de vrijheid van het individu en de intimiteit van het persoonlijk leven. We kunnen dit begrip in het algemeen definiëren als het verlangen van een individu om zijn persoonlijke levenssfeer te vrijwaren. Dit verlangen komt momenteel nadrukkelijker tot bewustzijn omwille van de bedreiging van deze waarde. Deze bedreiging wordt niet alleen veroorzaakt door de voortschrijdende informatisering maar vooral door het vitaal belang dat aan het recht op informatie wordt gehecht.

Het recht op privacy manifesteert zich duidelijk in de financiële sector. De informatie die in de databanken van financiële instellingen wordt opgeslagen, is omvangrijk. Al deze inlichtingen, die in het kader van een efficiënte uitvoering van de bankactiviteiten worden ingewonnen, vormen een potentiële bron van informatie over het doen en laten van de individuele burger. Hierdoor kan de privacy van een individu worden aangetast.

Zwitsers bankgeheim
Met betrekking tot het Zwitsers bankgeheim is een beschouwing omtrent het recht op privacy evenwel iets moeilijker. Het bankgeheim houdt voor een Zwitserse bankier immers zowel een recht als een plicht in. Indien het enkel een recht was, zou bij een onderzoek de bankier de mogelijkheid hebben het bankgeheim al dan niet in te roepen. Doordat het Zwitsers strafrecht ook een discretieplicht erkent, wordt de bankier wettelijk hiertoe gehouden.

De vraag kan evenwel gesteld worden in welke concrete gevallen – waarbij het recht op privacy in concurrentie treedt met het algemeen belang – de Zwitserse wetgeving de informatieplicht boven het bankgeheim laat primeren.

Sinds eeuwen wordt Zwitserland in één adem genoemd met anoniem bankieren en het bankgeheim. Doorheen de jaren heeft Zwitserland de geheimhouding echter keer op keer afgezwakt op vraag van het buitenland. In het boek ‘Het einde van het Zwitsers Bankgeheim’ van Dirk de Wolf is de hoofdvraag dan ook: Welke machtsmiddelen hebben de VS, EU, G20 en OESO in deze globaliserende wereld om druk uit te oefenen op het Zwitsers bankgeheim?