Met de ineenstorting van de financiële markten krijgt ook de fusie- en overnamemarkt een flinke tik mee. 'Nederlandse overnamemarkt onderuit', zo kopte het zakenblad Quote medio oktober. En natuurlijk: ook deze markt krijgt klappen te verduren.

Maar nuancering is in tijden van crisis en paniek een groot goed. Want als we eens wat dichter op die markt gaan zitten, dan zien we twee dingen gebeuren. Het is inderdaad zo dat de bovenkant van de markt, zeg maar de transacties vanaf zestig tot zeventig miljoen euro, behoorlijk dicht zit.

Het is voor ondernemingen en PE-partijen die een flinke overname willen doen, erg lastig zo niet onmogelijk, om de financiën rond te krijgen. De uitgeschreven garanties van de overheid zijn hier immers niet van toepassing en banken werken in crisistijden als deze nu eenmaal niet graag samen. Ze vertrouwen elkaar eenvoudigweg niet.

Grote overnames waar normaal gesproken meerdere banken in participeren, worden dan ook bemoeilijkt.

 

KREDIETVERLENING IS WEER AANTREKKELIJK

Heel anders ligt dat echter bij de overnames waarvoor minder dan zo’n zestig miljoen euro gefinancierd dient te worden. De loketten voor dit soort overnames zijn namelijk gewoon geopend. Sterker nog, de deuren staan wagenwijd open.

En ook dit is het gevolg van de kredietcrisis. Er zijn namelijk nog wel degelijk banken die over middelen beschikken. Het aantal mogelijkheden om hun geld te beleggen is de afgelopen maanden echter drastisch afgenomen. Investeren in aandelen of in andere banken is momenteel nauwelijks een optie.

Het verlenen van krediet is in tijden als deze dan ook ineens weer erg aantrekkelijk. Ambachtelijke kredietverlening is precies waarmee banken op dit moment nog op een gezonde manier geld kunnen verdienen. Banken, zo hebben wij gemerkt, staan meer dan open voor het verlenen van kredieten die in één boek plaatsvinden en kortom niet gesyndiceerd worden.

 

OUDERWETS BANKIEREN

Wel is ook hierbij een nuancering op z’n plaats. In de eerste plaats hanteren banken vandaag de dag hogere marges dan voorheen. Zo is de verhouding tussen lening en de capaciteit van de kasstroom lager geworden. Men kan dus minder lenen dan voorheen. Banken nemen eenvoudigweg minder risico’s en dus zien we ook dat het aantal clausules – in geval de lening niet tijdig kan worden terugbetaald – is toegenomen.

Verder is het vooral ‘business as usual’ van vóór de tijden van de opgeklopte, stukgesneden en weer doorverkochte leningen. Het wordt kortom weer gewoon ouderwets bankieren en de traditionele, degelijke M&A-financieringen passen uitstekend in dit plaatje.

 

Maarten Vijverberg is partner bij Boer & Croon Corporate Finance.