Coronacrisis mag geen schuldencrisis worden

"Alleen samen kunnen we de financiele schade beperken." Michel van Leeuwen, directeur en gerechtsdeurwaarder bij Flanderijn.

Door Bouko de Groot.

Impactvolle, veelal onbeheersbare gebeurtenissen, zoals baanverlies, echtscheiding of ziekte, zijn de voornaamste oorzaken van structurele schuldenproblematiek. Nu ons land in de greep is van het vooralsnog onbeheersbare coronavirus, is het zaak dat handen ineengeslagen worden om een schuldencrisis te voorkomen. "Uiteraard bieden de aangekondigde kabinetsmaatregelen een flinke helpende hand. Tegelijkertijd moeten zowel schuldeisers, als incassobureaus en gerechtsdeurwaarders sámen optrekken op weg naar duurzame oplossingen," stelt Michel van Leeuwen, directeur en gerechtsdeurwaarder bij creditmanager Flanderijn. "Daarbij moet niet langer de individuele schuld, maar de onderneming of persoon in kwestie centraal staan. Steeds meer partijen zouden moeten onderkennen dat het een pure noodzaak is om te gaan van versnippering in incassomaatregelen naar een collectieve aanpak voor meer financiële weerbaarheid."

Samen crisis te lijf

UWV heeft al anderhalf miljard euro uitgekeerd voor NOW-regelingen. De verwachting is dat de economie dit jaar met vijf tot tien procent zal krimpen. De Nederlandse Bank waarschuwde afgelopen maand nog dat meer dan 1 miljoen Nederlanders een financiële reserve hebben van minder dan 2.000 euro.

Zowel incassobureaus en gerechtsdeurwaarders, als schuldeisers, zoals zorgverzekeraars, pensioenfondsen, banken, energiebedrijven en woningcorporaties, moeten nu samen optrekken voor verantwoorde incassomethodes," roept  Van Leeuwen op. Dat betekent bijvoorbeeld relatieve rust brengen in de financiële situatie van de onderneming. "Zo kunnen afspraken gemaakt worden, om vaste lasten te blijven betalen. Daarbij moet het streven zijn zoveel mogelijk schuldeisers aan te haken op een aanpak, vergelijkbaar met het doseerlicht op de snelweg," legt hij uit. "Door even te vertragen, ontstaat er ruimte voor het verkeer dat van alle kanten die ene zelfde snelweg op wil. Bij vertraging draagt iedere schuldeiser bij aan een betere doorstroming. Mede dankzij de kabinetsmaatregelen komen alle schuldeisers uiteindelijk wel aan de beurt om betaald te krijgen."

Maatschappelijk verantwoord vergoedingsmodel

Van Leeuwen pleit er ook voor om het vergoedingsmodel voor incassobureaus en gerechtsdeurwaarders te veranderen. "Nu verdienen deurwaarders vooral aan kostenverhogende maatregelen als dagvaarden of beslag leggen. Ze krijgen geen vergoeding voor de route naar hulpverlening en het vinden van een duurzame oplossing." Maar eigenlijk, zo vindt Van Leeuwen, zou het andersom moeten zijn. "Als een op maat gemaakte betalingsregeling verantwoorder is, zou de deurwaarder daarvoor vergoed moeten worden. Er is een toenemende roep om in deze coronacrisis geen incassomaatregelen met extra kosten voor de klant in rekening te brengen. Dan is een redelijke vergoeding voor het vinden van een duurzame oplossing beter op zijn plaats."

Zoals verschillende regeringsfunctionarissen al hebben uitgesproken, staat Nederland voor een grote opgave. "Alleen samen zijn we in staat het coronavirus onder controle te krijgen. Alleen samen kunnen we de financiële schade beperken," aldus Van Leeuwen. "De bereidheid om in de gehele keten, van facturatie tot betaling, samen op te trekken, zal nu in ieder geval groter moeten zijn dan ooit."

Helft coulant bij coronaschuld

Nieuw onderzoek naar coulancebeleid bij financiële problemen bij debiteuren, gedaan door incasso- en gerechtsdeurwaardersorganisatie Flanderijn bij 175 creditmanagers van onder andere energiebedrijven, woningcorporaties, financiële dienstverleners, gemeenten, horeca- en transport- en logistiekbedrijven, levert de volgende cijfers op:
 ?27% biedt volledige coulance, ongeacht of de coronacrisis de oorzaak is.
 ?37% biedt alleen coulance als coronacrisis aantoonbaar oorzaak is.
 ?25% past geen versoepeling toe (meer dan 80 procent hiervan is MKB).
 ?11% weet nog niet wat te doen.

Verder verwacht de helft van de respondenten bij een klein deel van de klanten tijdelijke betalingsmoeilijkheden. Bijna een derde voorziet bij een groot deel van hun klanten betalingsmoeilijkheden. Toch verwacht driekwart een passende oplossing als vorderingen aan incasso- of gerechtsdeurwaardersorganisaties zijn overdragen.