Het optimisme onder de Nederlandse corporate CFO over de financiële vooruitzichten van hun onderneming is ten opzichte van vorig kwartaal gedaald van 41% naar 25%. Dat blijkt uit de CFO Survey van Deloitte.

De onderliggende indicatoren laten zien dat de condities om de onderneming te laten groeien juist gunstig zijn. Zo daalde het percentage CFO’s dat onzeker is over de financiële en economische situatie met 10% naar 56%. Ook is de CFO optimistisch over de M&A markt en wordt krediet gezien als goedkoop en beschikbaar. Dit zijn de belangrijkste resultaten van de CFO Survey van Deloitte die ieder kwartaal wordt gehouden.

Het optimisme onder CFO’s is sinds het tweede kwartaal van 2012 voor het eerst gedaald naar 25%. Wilten Smit, managing partner bij Deloitte verklaart: “Op dit moment is er sprake van geopolitieke spanningen die een negatieve impact op de economie kunnen hebben. Daarnaast is de Euro sterk ten opzichte van andere munteenheden, wat een negatief effect heeft op de resultaten van de veelal internationaal opererende Nederlandse multinationals.”

Kasstromen
De CFO verwacht, in vergelijking met het vorige kwartaal, een minder sterke groei in de kasstroom. Een kwart van de CFO’s verwacht een stijging van de cash flow van hun onderneming met meer dan 10%, vorig kwartaal was dit nog 53%. Het percentage CFO’s dat voor de komende twaalf maanden een gelijkblijvende kasstroom verwacht, steeg van 25% in het vorige kwartaal naar 56% nu.

Klaar voor groei
Uit de survey blijkt ook dat personeelsreductie niet langer hoog op de agenda van de CFO staat, terwijl dat een jaar geleden nog wel het geval was. Daarnaast geeft 53% van de CFO’s aan de komende twaalf maanden actief aan een overname of strategisch partnership te werken. “Hieruit blijkt dat de fase van herstructurering achter de rug is en de CFO vooral weer kijkt naar groei. De condities om de onderneming weer te laten groeien, zijn gunstig”, aldus Smit. Krediet wordt als goedkoop en goed beschikbaar gepercipieerd, waarbij corporate debt en bank borrowing wederom de voorkeur hebben van de CFO.

Bron: Deloitte