Bouwbedrijven wachten gemiddeld 75 dagen voordat ze worden betaald voor opdrachten die ze voor het Rijk uitvoeren, blijkt uit onderzoek in opdracht van Bouwend Nederland.

Volgens de ondernemersorganisatie is het, zeker gelet op de gevolgen van de oorlog in Oekraïne, belangrijk dat bedrijven sneller hun geld krijgen. Bouwers moeten namelijk volgens een wetsvoorstel ook hun onderaannemers binnen dertig dagen betalen.

Adviesbureau Cash Discovery nam twaalf infraprojecten in opdracht van Rijkswaterstaat, ProRail en het Rijksvastgoedbedrijf onder de loep. Bij deze projecten waren vijf verschillende bouwbedrijven betrokken.

Het onderzoek wees uit dat betalingen vaak langer op zich laten wachten mede door de zekerheden die in de contracten zijn ingebouwd. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om het moeten indienen van prestatieverklaringen, waarmee een opdrachtgever aangeeft dat het werk naar behoren is uitgevoerd. Worden deze verklaringen vaker afgegeven dan zijn eventuele herstelpunten ook sneller zichtbaar en is de kans op vertragingen kleiner.

Verder menen de bouwers dat er tijd gewonnen kan worden als facturen voor geleverd werk gedurende de opdracht vaker ingediend kunnen worden. Bij bouwprojecten wordt de aanneemsom en het werk dat extra of juist minder is gedaan nu over de duur van een bouwproject uitgesmeerd. Een snellere betaling vergroot daarnaast niet alleen de innovatiekracht van bedrijven, het heeft ook een positieve invloed op de uitvoering van het werk, zo klinkt het.

Volgens Bouwend Nederland kan het versneld betalen van facturen door het Rijk relatief eenvoudig zonder dat dit extra geld kost. De Tweede Kamer praat woensdag over de betaaltermijnen die de overheid hanteert.