Professionals voorzien dat AI hun werk gaat overnemen

Hooggeschoolden maken zich nauwelijks druk over de gevolgen.

Bijna de helft van de werkenden denkt dat hun werk deels (41 procent) of helemaal (4 procent) overgenomen kan worden door kunstmatige intelligentie (AI). Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Van die werkenden maakt een kleine minderheid zich zorgen over de gevolgen.

Ruim vier op de tien werkende Nederlanders maken gebruik van AI bij het uitvoeren van hun werkzaamheden. Mensen die dat doen, denken vaker (56 procent) dat ze vervangen kunnen worden dan mensen die geen AI gebruiken (37 procent).

Jongeren van 18 tot 25 jaar verwachten vaker dat hun werk voor een deel of helemaal overgenomen gaat worden door AI dan 25-plussers. Ze maken zich hier niet meer zorgen om. Hetzelfde geldt voor hbo- en wo-geschoolden. Zij denken vaker dat hun werk overgenomen kan worden door AI dan vmbo- en mbo-geschoolden, maar in zorgen daarover verschillen ze niet.

Mannen en vrouwen denken even vaak dat AI hun werk kan overnemen. Maar vrouwen maken zich hier wel meer zorgen over dan mannen.

Driekwart van alle volwassenen denkt dat bepaalde banen gaan verdwijnen door AI en 64 procent verwacht dat het tot verlies van kennis en vaardigheden van werknemers leidt. Bijna de helft denkt dat werkzaamheden minder interessant worden door AI.

Daartegenover staat dat 57 procent van de volwassenen verwacht dat AI de productiviteit verhoogt. Ruim 46 procent denkt dat AI de oplossing is voor personeelstekort in bepaalde sectoren.

Voor het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) zijn de cijfers van het CBS bewijs dat “we niet meer om AI heen kunnen”, daar moet meer nadruk op komen bij studies. “Als we de studenten van nu willen voorbereiden op de toekomst, betekent dit dat AI en digitalisering meer aandacht moeten krijgen in het onderwijs”, zegt voorzitter Sarah Evink.

Gerelateerde artikelen