Geen goud in de kluis, wel bovenaan de medaillespiegel
Op de Olympische Spelen trekt Noorwegen de aandacht als trotse aanvoerder van het medailleklassement. Woensdagmiddag had het land maar liefst al 14 gouden plakken verzameld. Op valutamarkten werd het koersverloop van de Noorse kroon juist lange tijd bepaald door een heel andere grondstof. Het Scandinavische land is een van de grootste olie-exporteurs ter wereld. Gemiddeld gaan er dagelijks 1,5 miljoen vaten de grens over, wat goed is voor een jaarlijkse opbrengst van ongeveer 50 miljard dollar.
Grote schommelingen in de olieprijs vertalen zich via een plotselinge stijging of daling in de vraag naar kronen soms in koerszwiepers van de Noorse munt. Die tikte onlangs het hoogste niveau aan in twee jaar vergeleken met de euro. De recente opmars heeft overigens een andere aanjager dan de bescheiden opmars van de olieprijs. Vorige week werd bekend dat de inflatie in Noorwegen is opgelopen van 3,2 naar 3,6 procent. Economen hadden juist gerekend op een kleine daling.
Geen haast met renteverlaging
De oplopende inflatie is vooral toe te schrijven aan hogere prijzen voor wonen, energie en transport. Een krappe arbeidsmarkt wijst erop dat de inflatie niet snel op eigen kracht zal toe bewegen richting de 2 procent die de Norges Bank graag zou zien. Het gemiddelde loon stijgt dit jaar met 4 à 5 procent. De centrale bank heeft al aangekondigd dat een renteverlaging pas aan de orde komt op het moment dat de inflatiedruk iets terugloopt. Dat zal niet voor de zomer gebeuren.
In de tussentijd is het aantrekkelijk voor partijen om hun vermogen in kronen aan te houden. De beleidsrente van 4 procent ligt bijvoorbeeld een stuk hoger dan de 2 procent die de Europese Centrale Bank hanteert. De sterke kroon is een opsteker voor Noorse sporters in Milaan, aangezien hun munt in euro’s uitgedrukt wat meer waard is. Goudenmedaillewinnaars hebben een extra voordeel. Het edelmetaal geldt namelijk als een goede bescherming in periodes met een hoge inflatie.
Al het goud verkocht
Dat laatste voordeel lijkt al snel groter dan het is. In een gouden medaille zit namelijk slechts 6 gram van het edelmetaal, terwijl het overige gedeelte uit zilver bestaat. In theorie kan Noorwegen dat goud overigens goed gebruiken. In 2004 heeft het Scandinavische land namelijk het laatste restje van de goudreserve verkocht. Noorwegen heeft alleen nog zeven goudstaven die voor tentoonstellingsdoeleinden worden aangehouden en een verzameling gouden munten.
De officiële reserves bestaan tegenwoordig uit buitenlandse valuta, obligaties en andere effecten. Achteraf gezien is de goudvrije koers misschien geen goede keuze, aangezien de prijs van het edelmetaal sinds begin 2024 met maar liefst 150 procent is gestegen. Maar voorlopig lijkt dat de Noorse kroon nauwelijks te deren. De munt is sinds half december 7 procent gestegen ten opzichte van de euro. En het eind van die opmars lijkt nog niet in zicht.