Loskomen van oosterse grootmacht kan banen kosten.

Duitsland moet zijn afhankelijkheid van China geleidelijk verminderen, want een directe ontkoppeling van de Chinese markt zou banen kosten in de grootste economie van Europa zelf. Dat heeft de Duitse minister van Financiën Christian Lindner gezegd in gesprek met de krant Welt am Sonntag.

De boodschap is ook relevant voor Nederland, want China is ook een van de grootste handelspartners van China. De invoer uit het oosterse land bedroeg vorig jaar 53 miljard euro en de uitvoer was goed voor ruim veertien miljard euro.

China geldt sinds 2016 als Duitslands belangrijkste handelspartner. Net als in andere Europese landen zijn tal van producten in het land 'made in China'. Maar Duitsland, dat van oudsher zelf ook een grote industrie heeft, werkt inmiddels aan een nieuwe China-strategie die erop gericht is de afhankelijkheid van de Aziatische grootmacht terug te brengen.

Lindner is echter van mening dat een snel vertrek uit China riskant zou zijn voor de Duitse economie. Hij spreekt zich daarom uit tegen een abrupte koerswijziging in de Duitse zakelijke betrekkingen met China. "Het loskoppelen van onze economie van de Chinese markt zou niet in het belang zijn van banen in Duitsland. Anderen zouden onze plaats innemen", aldus de bewindsman.

Lindner wil echter niet bij China blijven. Volgens hem zouden zouden andere regio's en markten in de wereld geleidelijk belangrijker moeten worden voor Duitsland. Dat zou dan een proces van jaren of zelfs decennia moeten zijn. Om zo'n overgang mogelijk te maken zouden volgens de minister en leider van de liberale partij FDP eerst de "politieke omstandigheden" moeten worden verbeterd.