Door strenger klimaatbeleid en toenemende overheidsregulering krijgen banken vaker te maken met stranded assets.

De laatste jaren spitst de dialoog over klimaatverandering tussen ondernemingen en beleggers zich steeds nadrukkelijker toe op het concept van ‘gestrande activa’. In andere woorden: activa in fossiele brandstoffen (olie en gas, kolenmijnbouw, elektriciteitsbedrijven) kunnen stranden als gevolg van veranderingen in regelgeving, maatschappelijke verwachtingen, ontwrichtende technologie of milieuomstandigheden.

Dit vormt een systeemrisico voor markten én economieën. Van de obsoleet geworden gasvelden, niet rendabel meer te winnen olievelden en dergelijke, tot aan grote gevolgen voor bijvoorbeeld de vastgoedsector, die steeds nadrukkelijker aan duurzaamheidsvereisten moet voldoen. Het kan ertoe leiden dat een aanzienlijk deel van de huidige gebouwen onverhuurbaar wordt – dat worden ‘stranded assets’ op basis van latere beleidsinstrumenten.

Steeds grotere duurzaamheidsrisico's
De overgang naar een CO²-neutrale economie leidt tot steeds grotere duurzaamheidsrisico's voor financiële instellingen. Het gebrek aan consistente en betrouwbare data maakt het meten van duurzaamheidsrisico’s lastig, maar niet onmogelijk. Uit het rapport ‘Op weg naar een duurzame balans’ van DNB blijkt dat de CO²-voetafdruk van de wereldwijde financieringen en beleggingen van Nederlandse financiële instellingen ten minste 82 Mton bedraagt, en waarschijnlijk meer. Dat begint in toenemende mate te knellen.

De overgang naar een CO²-neutrale economie impliceert daarmee een fors duurzaamheidsrisico voor financiële instellingen – ook wel aangeduid als transitierisico. Zo kunnen aanpassingen in het klimaatbeleid van overheden leiden tot verhoogde krediet- en marktrisico’s als gevolg van onverwachte of voortijdige afschrijvingen op en afwaarderingen van hun activa (zogenoemde ‘gestrande activa’). De effectiviteit van het klimaatbeleid van overheden is ook sterk bepalend voor de (toenemende) omvang van transitierisico’s.

Vuile investeringen
Zo kunnen we de uitstaande Rabo-leningen aan uit te kopen boeren stranded assets noemen: ‘vuile investeringen’ die door steeds manifester klimaatbeleid en toenemend knellender overheidsregulering opeens een flink stuk minder waard zijn geworden. Banken hebben, wereldwijd, groeiende hoeveelheden stranded assets op hun balansen staan. Zij hebben – en de Rabobank voorop – een uiterst concreet belang om regulering te voorkomen, te verhinderen of af te zwakken.

Financiële instellingen – de Rabobank voorop – willen hun eigen rol niet écht zien. ‘Het is moeilijk om een man iets te doen begrijpen, wanneer zijn salaris afhankelijk is van zijn onbegrip’, schreef de Amerikaanse schrijver Upton Sinclair al eens. We kunnen de uitkoop van boeren als een bail out zien – en dan niet zozeer van de uitgekochte boeren, maar van de Rabobank – die financiert circa 85 procent van de vaderlandse agrarische sector: er staat zo’n 40 miljard euro uit. Au!
(wordt vervolgd)


Door Leo van de Voort. Hij is bestuursadviseur bij Fuel for Living Strategies, voormalig directeur corporate finance Kempen & Co en auteur van het boek Vensters op waarde.