Aegon, VGZ, Menzis en Allianz beleggen vooral in schadelijke voedselbedrijven.

De meeste grote verzekeraars in Nederland doen nog onvoldoende op het gebied van biodiversiteit. Ze beleggen namelijk in voedselbedrijven die de natuur schaden met hun productieprocessen.

Dat staat in een onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van de Eerlijke Verzekeringswijzer. De onderzoekers stellen dat de verzekeraars meer kunnen doen voor biodiversiteit door met hun investeringen de overgang naar een duurzamer en meer plantaardig voedselsysteem te stimuleren.

De negen onderzochte verzekeraars beleggen volgens het rapport samen voor minimaal 3,5 miljard dollar (3,3 miljard euro) in bedrijven uit de cacao-, mais- en zalmindustrie. Volgens de onderzoekers hebben bedrijven in die sectoren grootschalige industriële voedselproducties van één gewas of dier. Daardoor zien wilde dieren hun leefgebied en voedsel verdwijnen als gevolg van ontbossing, bodemuitputting, groot gebruik van bestrijdingsmiddelen en ziektes van planten en dieren.

De Eerlijke Verzekeringswijzer stelt dat Athora Netherlands en ASR aan kop lopen op het gebied van biodiversiteit, mede door hun beleid om actief te investeren in bedrijven en projecten die zich richten op natuurherstel. Ook Achmea doet het relatief goed. CZ en NN Group scoren duidelijk minder. Aegon, VGZ, Menzis en Allianz blijven achter, aldus het onderzoek.

(ANP)