Het topsectorenbeleid levert wel degelijk een wezenlijke bijdrage aan de versterking van de Nederlandse economie. Dat zeggen MKB-Nederland en VNO-NCW in reactie op kritiek van een aantal economen op het topsectorenbeleid. Deze week verdedigt minister Kamp van Economische Zaken dat beleid in de Tweede Kamer.


Volgens de economen is het topsectorenbeleid te veel gericht op sectoren en gevestigde bedrijven. Het innovatiebeleid zou beter generiek kunnen worden ingericht. Volgens de ondernemersorganisaties is dat nu al zo. Fiscale stimuleringsregelingen staan voor elk bedrijf open, waarbij 70 procent bij het midden- en kleinbedrijf terechtkomt. Het topsectorenbeleid komt daar bovenop. 'Daarbij gaat het om kennisintensieve bedrijven die internationaal meetellen. De sectoren vullen het beleid zelf in.'

Sectoren
Complete sectoren worden niet gesteund. Het gaat veel meer om stimuleren van bepaalde innovatie onderdelen van een sector en van dwarsverbanden tússen sectoren, aldus en MKB-Nederland en VNO-NCW. Het beleid is gericht op bestaande en nieuwe bedrijven, en groot en klein. 'Feit is wel dat innovaties vaak voortkomen uit activiteiten waar Nederland al langer goed in is. Je bouwt niet zomaar nieuwe sectoren uit het niks.'

Regelgeving
Ze wijzen er verder op dat het topsectorenbeleid meer is dan innovatiebeleid. Er is ook aandacht voor human capital, export en belemmerende wet- en regelgeving.

Bron: MKB Nederland