De aanbeveling van de code- Tabaksblat om de accountant in de aandeelhoudersvergadering te bevragen over zijn verklaring en de daaraan ten grondslag liggende werkzaamheden heeft de potentie om een revolutie teweeg te brengen. Deze aanbeveling heeft niet alleen gevolgen voor de krachtsverhoudingen tussen de accountant, de commissarissen, het bestuur en de aandeelhouders, maar vooral ook voor de eisen die aan de accountant en de CFO worden gesteld.

De prikkel voor baanbrekende vernieuwing zit met name in het feit dat de accountant zich nú uitsluitend uit via de standaardtekst van de accountantsverklaring. De accountant spreekt dus met zijn mond dicht. Juist als 'vertrouwensman van het maatschappelijk verkeer' is hij daarom wel eens gekscherend omschreven als de buikspreker van het maatschappelijk verkeer. Was vroeg in de twintigste eeuw de enkele handtekening van de accountant het overtuigende bewijs dat de jaarrekening integer was, naarmate de accountant meer woorden is gaan gebruiken, is de overtuigingskracht overeenkomstig afgenomen. De accountant wordt nu plotseling gepromoveerd van buikspreker tot (extra) spreekbuis tussen bestuur en commissarissen en de aandeelhouders. De standaardtekst van de accountantsverklaring is niet meer zijn ultieme uiting. Dat er rechtstreeks vragen (zullen) worden gesteld, dwingt de accountant, maar vooral ook de onderneming tot een hechte grondslag voor zowel de jaarrekening als de accountantsverklaring. Door de samenhang tussen de jaarrekening, de administratieve systemen en de accountantscontrole impliceert dit ook zowel een hoge kwaliteit van die administratie en informatiesystemen als een perfecte controleerbaarheid van informatie en informatiesystemen. Om verrassingen te voorkomen is het daarom vanuit bestuurlijk oogpunt onontkoombaar om iedere onvolkomenheid in de rapporteringen te melden. Iedere in de aandeelhoudersvergadering aan het licht komende imperfectie die niet is gemeld, geeft een deuk in de reputatie en zet het gestelde vertrouwen in de juistheid en de toereikendheid van de informatie onder druk. SPREEKBUIS Uit de samenhang van administratie, jaarrekening en accountantsverklaring vloeit ook voort dat deze aanbeveling niet alleen rechtstreeks de werkwijze en het optreden van de accountant regardeert, maar ook die van de CFO. De primaire verantwoordelijkheid voor zowel de inhoudelijke juistheid van administratie en jaarrekening als de kwaliteit en controleerbaarheid van de informatiesystemen ligt immers bij de CFO en niet bij de accountant. Er zijn geen specifieke vragen over accountantscontrole denkbaar die niet ook de jaarrekening, de onderliggende informatie en de informatiesystemen betreffen. Daarmee wordt de accountant in haast letterlijke zin de spreekbuis tussen de CFO en de aandeelhouders. Het is een groot voordeel dat de accountant zich er niet meer van af kan maken met vage algemene bewoordingen, maar de basis voor een bevredigende beantwoording door de accountant zal primair moeten worden gelegd door de CFO. Veel vragen zijn gemakkelijker te stellen dan te beantwoorden. Vooral de CFO zal iedere aandeelhoudersvergadering daarom zodanig moeten voorbereiden dat door de communicatie per spreekbuis geen noemenswaardige vertekeningen kunnen plaatsvinden. Nog meer dan voor de accountant breken er voor de CFO spannende tijden aan. Drs. Ruud H. Veenstra RA heeft een lange staat van dienst als openbaar accountant van grote en internationale ondernemingen (vanaf 1970) en als onafhankelijk accountancy-consultant (vanaf 1992), en publiceert daarnaast regelmatig over vakonderwerpen. www.veenstraaccountancy.nl