Succes van Europa met 25 lidstaten ligt in handen van de 'oude' EU-landen'

Veel hangt af van economische groei van Europa als geheel en adequaat management van wisselkoersen

Den Bosch - Het succes van de Europese Unie met 25 lidstaten ligt in handen van de vijftien bestaande EU-leden. Dit stelt Euler Hermes, de grootste kredietverzekeraar ter wereld, op basis van een uitgebreide analyse van de economieën van de nieuwe toetreders. Het welslagen van de integratie zal vooral afhangen van de groei van Europa als geheel. Die groei moet dan vooral van de vijftien 'oude' lidstaten komen, aangezien de nieuwe toetreders slechts 4,5 procent van het bruto nationaal product van de EU als geheel uitmaken. Een andere succesfactor is het adequaat managen van de wisselkoersen in de Europese Unie om te voorkomen dat de nieuwe lidstaten hun munteenheid doorlopend moeten devalueren, zonder dat daar economische groei tegenover staat. Euler Hermes verwacht overigens dat de 'oude' vijftien lidstaten geen antwoord hebben op deze twee opdrachten. Zo lijkt het erop dat de eurozone (twaalf van de lidstaten) niet verder kan uitbreiden. Zweden heeft de invoering van de euro afgewezen en het Verenigd Koninkrijk stelt een beslissing daarover steeds uit. Daarnaast heeft een wereldwijde opleving van de economie de eurozone overgeslagen in 2003. De lichte verbetering van de economie in de tweede helft van het vorige jaar zet niet door en de verwachting is dat 2005 weer een moeilijk jaar dreigt te worden als gevolg van een terugval van de Amerikaanse economie. De nieuw toegetreden landen zullen naar verwachting fors harder groeien dan de bestaande lidstaten, maar dat zal slechts in geringe mate bijdragen aan de totale groei van de EU. De tien nieuwe leden hebben te maken met een fors begrotingstekort van gemiddeld 6 procent. Verder zorgen zij voor een forse toename van het aantal consumenten binnen de EU met 20 procent (74 miljoen mensen) die gemiddeld vijf tot zes keer minder verdienen dan werknemers in bestaande EU-landen (gemiddeld vier euro per uur vergeleken met 25 euro gemiddeld per uur in de 'oude' lidstaten). In Euler Hermes' waardering van landenrisico's hebben de meeste nieuwe toetreders een BB-rating, de aanduiding voor een gezond zakelijk klimaat in de betreffende landen, dat echter verder kan worden verbeterd. Tsjechië, Slovenië en Malta krijgen een A-rating van Euler Hermes. De nieuwe EU-landen hebben de afgelopen jaren een aanmerkelijk hoger groeipercentage laten zien dan de 'oude' EU-lidstaten: gemiddeld, vanaf 2000, 4 procent per jaar tegen 1,7 procent in de bestaande EU-landen. De forse groei van de nieuwkomers zou Europa's interne markt moeten vergroten. Polen, Hongarije en Tsjechië laten flinke economische groei zien, maar kampen met grote begrotingstekorten. De Poolse economie groeide in 2003 meer dan de geprognotiseerde 3,7 procent en voor 2004 is circa vier procent groei voorzien, aldus Euler Hermes. Echter, de werkeloosheid blijft onveranderd hoog op 18 procent. De inflatie blijft laag. Het begrotingstekort kan in 2004 oplopen tot 9 procent van het BNP en het overheidstekort zelfs tot de kritische grens van 55 tot 60 procent van het BNP. In 2003 zakte het handelstekort naar 2 procent van het BNP en zal op dit lage niveau blijven in 2004. De buitenlandse schulden en de bijbehorende kosten blijven onder controle. De groei van Hongarije nam af tot minder dan drie procent in 2003. Euler Hermes verwacht dat het in 2004 toeneemt naar 3,3 procent, opgestuwd door een sterke binnenlandse vraag. Inflatie neemt toe tot 6 á 7 procent door de hogere BTW-tarieven en de deregulering van de energieprijzen. Het huidige account tekort, dat in 2003 meer dan 6 procent van het BNP bedroeg, blijft naar verwachting hoog, rond de 5 procent. Gegeven het lage niveau van directe buitenlandse investeringen, zal het handelstekort grotendeels worden gefinancierd door leningen. Daarnaast blijven de kosten verbonden aan de buitenlandse schulden onder controle. De Tsjechische economie groeide in 2003 bijna 3 procent en zal in 2004 verder groeien, mede als gevolg van een sterk blijvende binnenlandse vraag, hogere investeringen en export. De inflatie is onder controle, maar het begrotingstekort blijft naar verwachting hoog, circa 8 procent van het BNP. Het huidige handelstekort zal rond de 6 procent blijven, maar is niet zo'n probleem vanwege de toename van rechtstreekse buitenlandse investeringen. Het niveau van de overheidsschulden is geen probleem.