De Nederlandse staat hoeft naar verwachting miljarden minder te lenen, ondanks de extra investeringen die op Prinsjesdag zijn aangekondigd.

Dat volgt uit een nieuwe inschatting door het Agentschap van de Generale Thesaurie van het ministerie van Financiën (DSTA).

De zogeheten financieringsbehoefte voor dit jaar komt in de nieuwe raming uit op 112,1 miljard euro. In juni werd nog gerekend op 114,8 miljard euro. Het verwachte bedrag dat moest worden geleend werd eerder stevig opgevoerd in verband met verlengingen van de steunmaatregelen tegen de coronacrisis. Inmiddels is duidelijk dat de massale coronasteun na deze maand stopt.

Het kastekort voor dit jaar wordt nu geraamd op 53,6 miljard euro, van een eerder voorspelde 56,4 miljard euro. DSTA zegt dat er wel een grote mate van onzekerheid is over de financieringsbehoefte en dat die uiteindelijk veel lager kan uitpakken.

De Tweede Kamer debatteert nog over de begrotingsplannen van het kabinet voor volgend jaar. Omdat het kabinet in demissionaire staat is, en VVD, D66 en CDA hebben gezegd te willen overleggen over de begroting, zien veel partijen ruimte om hun eigen plannen in te dienen.

Volgens ingewijden is er voor honderden miljoenen aan onderhandelingsruimte. Veel partijen hebben al plannen neergelegd die samen vele miljarden kosten, dus het kabinet en de Kamer zullen dan keuzes moeten maken.