MKB-Nederland en VNO-NCW zien het schrappen van een belastingvoordeel voor Nederlandse bedrijven met Nederlandse dochterbedrijven als een 'groot verlies' v

Discriminatie
Het grote voordeel van een fiscale eenheid is dat meerdere bedrijven in een groep als één gezien worden door de fiscus. Dit scheelt veel administratief gedoe. Het hof oordeelt nu dat er sprake is van discriminatie omdat een fiscale eenheid alleen tussen Nederlandse bedrijven kan worden gevormd. Er kan geen fiscale eenheid worden gevormd met daarin buitenlandse dochters.

Consequentie
Door de uitspraak van het hof moet het Nederlandse systeem, dat goed werkte en simpel was, op de schop. Dat leidt tot verlies aan inkomsten voor de staat. De staatssecretaris wil dat ‘gat’ nu dichten met een spoedreparatie. MKB-Nederland en VNO-NCW benadrukken dat deze reparatie zo min mogelijk bedrijven moet raken en dat hogere administratieve lasten voor bedrijven moeten worden voorkomen. “We moeten zo dicht mogelijk bij het bestaande systeem zien te blijven.”

11.000 bedrijven
Naar schatting worden zo’n 11.000 bedrijven door de spoedreparatie geraakt. Volgens de ondernemersorganisaties moet er zo spoedig mogelijk een nieuwe concernregeling komen ter vervanging van het oude systeem en de tussentijdse spoedreparatie.   

Herstel omissie innovatiebox: verhoging effectief tarief van 5 naar 7 procent
Staatssecretaris Snel van Financiën past per 1 maart 2018 het effectieve tarief van de innovatiebox van 7 procent ook toe op voordelen op immateriële activa die zijn voortgebracht voor 1 juli 2016. 

Hij heft hiermee het verschil op dat sinds 1 januari 2018 is ontstaan tussen de voordelen uit deze, onder overgangsrecht vallende, immateriële activa en de andere immateriële activa die onder de innovatiebox vallen.

Per 1 januari 2018 is het effectieve tarief van de innovatiebox verhoogd van 5 naar 7 procent. Deze verhoging zou gelden voor alle immateriële activa die toegang hebben tot de innovatiebox. Door een omissie in het Belastingplan 2018 is dat voor immateriële activa die onder het hierna genoemde overgangsrecht vallen niet gebeurd. Het gaat om het overgangsrecht voor immateriële activa die uiterlijk op 30 juni 2016 zijn voortgebracht en waarvoor is gekozen voor toepassing van de innovatiebox. Dit overgangsrecht geldt uiterlijk tot en met 30 juni 2021 en voorziet erin dat de innovatiebox, zoals die gold op 31 december 2016, van toepassing blijft op die immateriële activa

Voor de voordelen uit de immateriële activa die onder het overgangsrecht vallen en die vanaf 1 maart 2018 worden behaald, geldt vanaf 1 maart 2018 dus ook het effectieve tarief van 7 procent.