Wereldwijd zullen volgend jaar de lonen van werknemers gecorrigeerd voor inflatie naar verwachting gemiddeld 1,5 procent stijgen, tegenover de verwachtingen van 2,5 procent in 2016 en 2,3 procent in 2017.

Dat voorspelt organisatieadviesbureau Korn Ferry op basis van salarisprognoses van 25.000 bedrijven met bij elkaar 20 miljoen werknemers in 110 landen. Het verschil met de voorgaande twee jaren komt vooral doordat de inflatie oploopt.

“De nominale lonen ontwikkelen zich heel geleidelijk, en zijn in 2018 over het algemeen in lijn met voorgaande jaren, al zijn er uiteraard verschillen per land, per sector en per functie. Het komt dus vooral door de inflatie dat wereldwijd de reële loongroei van werknemers duidelijk lager is dan in de jaren ervoor”, zegt Rob Westrek, director Reward & Benefits bij Korn Ferry.

“Talentschaarste zie je dus nog niet terug in de gemiddelde loonsverhogingen die HR-afdelingen in 2018 van plan zijn door te voeren. Kennelijk verwachten bedrijven niet dat ze de gemiddelde lonen meer hoeven te verhogen om mensen vast te houden.” Westrek wijst erop dat het salarisniveau niet het enige is dat telt en dat de verschillen per functie of sector groter kunnen zijn. “We adviseren bedrijven om regelmatig te kijken of de manier van talent aantrekken en behouden in lijn is met hun specifieke situatie en de marktomstandigheden. Dan kan blijken dat ze het loonbudget beter kunnen besteden aan bijvoorbeeld gerichte verhogingen voor bepaalde groepen of individuen, of aan ontwikkeling van hun werknemers in plaats van hogere salarissen.”

Nederlandse loongroei hoger dan in West-Europa
In Nederland wordt nu een nominale loonstijging in 2018 voorzien van zo’n 2,6 procent, wat na inflatie neerkomt op 1,2 procent. Daarmee is de Nederlandse loongroei hoger dan het West-Europese gemiddelde van 0,9 procent na inflatie. Voor Frankrijk is dat 0,7 procent en voor Duitsland 0,8 procent. De nominale lonen stijgen in Oost-Europa met 6 procent, maar daarvan blijft door inflatie een reële loonstijging over van 1,4 procent.

Negatieve loongroei in VK door onzekerheid Brexit 
Door de aanhoudende onzekerheid rondom de Brexit stijgen de lonen in het VK volgend jaar met 2 procent. De inflatie is echter 2,5 procent, waardoor de reële lonen naar verwachting 0,5 procent dalen. Dat is een groot verschil met de loonstijging in 2017 van 1,9 procent na inflatie.

In de VS stijgen de lonen naar verwachting gemiddeld 3 procent, wat na inflatie neerkomt op 1 procent, tegenover 1,9 procent in 2017. In Azië wordt de hoogste reële loongroei verwacht: 2,8 procent na inflatie, wat een stap terug is ten opzichte van de 4,3 procent uit 2017. Het beeld in Azië is verdeeld: in veel landen zal de loongroei in 2018 flink lager zijn dan het jaar ervoor, maar in China wordt een reële loonstijging verwacht van 4,2 procent.

“Afvlakkende economische groei houdt de loonstijgingen in ontwikkelde economieën in toom,” zegt Bob Wesselkamper, wereldwijd hoofd Reward & Benefits van Korn Ferry. “In opkomende economieën is het belangrijk dat werknemers meer vaardigheden ontwikkelen om te kunnen blijven concurreren. Wie daarin slaagt, kan op een hoger salaris rekenen, vanwege de groeiende talentschaarste in bepaalde regio’s.”

Over de salarisprognoses
De cijfers zijn gebaseerd op gegevens uit de wereldwijde salarisdatabase van Korn Ferry die 20 miljoen banen omvat bij 25.000 organisaties in 110 landen. Daarin zijn de door HR-afdelingen verwachte loonstijgingen verwerkt. De inflatieverwachtingen zijn gebaseerd op gegevens van de Economist Intelligence Unit.