Om het vertrouwen in de financiële wereld te herstellen zijn allerlei wetten en regels ingevoerd. Maar hoe doeltreffend is de controle? En kan controle het verloren vertrouwen wel compenseren?

Er was eens een waard die zijn gasten niet vertrouwde. Geen wonder. Hij was in het verleden vaak opgelicht; veel van zijn gasten waren zonder te betalen vertrokken, soms zelfs met medeneming van handdoeken, zeepjes en andere spullen. De waard had dat een tijd lang met lede ogen aangezien, tot een van zijn gasten niet alleen de handdoeken etc. maar ook het beddengoed achteroverdrukte. Sindsdien liet de waard zijn gasten uitgebreid inchecken: zij moesten hun paspoort afgeven, de rekening grotendeels vooruit betalen en een brief ondertekenen waarin zij goed gedrag beloofden. Uiteraard brachten al deze maatregelen een enorme administratieve rompslomp met zich mee. Het was zelfs zo erg dat de waard een extra administratieve medewerker moest aannemen. De kosten hiervan wentelde hij af op zijn gasten. "Waarom ook niet", praatte hij zichzelf moed in, "Tenslotte wordt het er voor hen hier ook veiliger op. Dat mag toch wel wat kosten?" Voor de zekerheid hing hij nog wat beveiligingscamera's op en wat bordjes: 'Wij waken over uw en onze eigendommen'. Helaas vielen al deze maatregelen bij veel mensen niet in goede aarde. Waar hadden zij dat wantrouwen van de waard aan verdiend? Zíj hadden toch nooit wat misdaan? En waarom verhaalde hij de beveiligingskosten op hen? Nogal onredelijk, vonden zij. Zij bleven weg bij het wantrouwende mannetje en zijn kille bunker en gaven de voorkeur aan herbergen die nog gastvrij en goedkoop waren. Natuurlijk waren er nog mensen die de herberg van de waard die zijn gasten wel bezochten. Maar wat voor mensen! Mensen als de waard zelf. Slecht van vertrouwen en slecht te vertrouwen. Voor dit slag mensen waren de beveiligingsmaatregelen die de waard had getroffen ook volstrekt onvoldoende. Als ze geen vervalste paspoorten hadden, dan betaalden ze wel met ongedekte cheques. En als ze niet van de waard stalen, dan wel van de andere gasten. De waard zag geen andere mogelijkheid dan de beveiligingsmaatregelen nog verder aan te scherpen. En dus belde hij een particuliere bewakingsdienst op. Met bezwaard gemoed, want ondertussen dacht hij met heimwee terug aan de tijd dat hij zijn gasten nog vertrouwde.