Nog geen tienduizend bedrijven kwamen door corona in moeilijkheden.

Dat meldt De Nederlandsche Bank (DNB). De centrale bank onderzocht de positie van bedrijven in het mkb een jaar na de uitbraak van het Covid-19-virus.

Naar schatting zijn in 2020 ongeveer 9300 mkb-bedrijven door de pandemie in liquiditeitsproblemen gekomen. Zonder steun van de overheid was dit aantal waarschijnlijk maar beperkt hoger uitgekomen, zegt de centrale bank.

Dit nieuws komt op het moment dat bekend werd dat de Nederlandse banken voor 53,5 miljard euro aan leningen hebben verstrekt aan ondernemingen  sinds het begin van de coronacrisis. Daarmee werden ruim 59.000 ondernemers geholpen, maakte de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) bekend.

Van het totaalbedrag werd 2,4 miljard euro in de afgelopen maand geleend. Sinds het begin van de crisis hebben 129.000 bedrijven van banken een betaalpauze gekregen, met een totale waarde van 3,1 miljard euro. Betaalpauzes zijn op individuele basis nog steeds mogelijk.

Met name de sectoren die direct last hadden van de coronamaatregelen hadden het moeilijk, aldus DNB, maar andere ondernemingen laten een ander beeld zien. Veel bedrijven hebben door de pandemie hun omzet terug zien vallen. De steunpakketten van de overheid hebben deze terugval deels gecompenseerd.

De toename van het aantal mkb-bedrijven met een tekort aan financiële middelen zat met name in sectoren die direct werden geraakt door de coronamaatregelen, zoals de horeca, de reisbranche, hotelketens, sport en recreatie en de kunstsector. Omdat hun aandeel in de rest van de economie beperkt is, dempt dit volgens de bank het totale effect.

Volgens NVB-voorzitter Chris Buijink heeft coronasteun wel degelijk nut gehad in het kleinbedrijf. "De meeste kredieten worden verstrekt aan kleinere bedrijven. Zestig procent van de kredieten betreft een bedrag onder de 250.000 euro. We zien nu geen grote aantallen klanten met betalingsproblemen. De aangekondigde verlenging van de overheidssteun en de uitbreiding van de terugbetaalregeling voor uitgestelde belastingen dragen daaraan bij."

Volgens DNB zijn er met name in de detailhandel grote verschillen te zien tussen bedrijven. Zo hadden kleding- en schoenenwinkels het financieel een stuk lastiger dan doe-het-zelf-zaken en bedrijven die elektronica verkochten. Door de coronacrisis moesten winkels gedwongen gesloten worden, maar klusten mensen meer in huis en kochten ze meer telefoons, laptops en televisies.

DNB bekeek voor het onderzoek onder meer de jaarrekening van 2019, de bedrijfsomzet, het personeelsbestand en de uitgekeerde bedragen van de coronasteunregelingen van de overheid in 2020.

(ANP)