Maatschappelijke onderneming voor semipublieke sector

Woningcorporaties, zorginstellingen, scholen en andere instellingen die een maatschappelijk belang nastreven, kunnen slagvaardiger optreden door gebruik te maken van nieuwe toezicht- en besluitvormingsregels. Daarbij gaat het om verenigingen en stichtingen die kiezen voor de maatschappelijke onderneming als rechtsvorm.

Dit staat in een wetsvoorstel van minister Hirsch Ballin van Justitie dat onlangs naar de Tweede Kamer is gestuurd. Het kabinet geeft hiermee invulling aan het Coalitieakkoord, waarin de ontwikkeling van een rechtsvorm voor instellingen in de semipublieke sector is aangekondigd.

Het wetsvoorstel sluit aan op ontwikkelingen in de sector en voorziet de instellingen van een nieuwe structuur, die recht doet aan hun professionaliteit. Het verschaft de instellingen vooral een besluitvormingsstructuur voor de belangrijkste ondernemingsbeslissingen, waarin het interne toezicht is geregeld, alsmede het overleg met en de verantwoording aan belanghebbenden.

Naast een bestuur heeft de maatschappelijke onderneming een raad van toezicht en een zogeheten belanghebbendenvertegenwoordiging die bijvoorbeeld uit huurders, cliënten en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven kan bestaan. Het bestuur vertegenwoordigt de maatschappelijke onderneming. De raad van toezicht controleert en benoemt het bestuur en staat het bestuur met advies terzijde. Daarnaast zijn belangrijke bestuursbesluiten aan de goedkeuring van de raad van toezicht onderworpen.

Het bestuur voert periodiek overleg met en legt verantwoording af aan de belanghebbenden. De belanghebbendenvertegenwoordiging heeft het recht advies te geven over belangrijke beslissingen. Ook krijgt deze de bevoegdheid om een toezichthouder voor te dragen en de rechter te vragen een falende toezichthouder te ontslaan.

Verder krijgt de belanghebbendenvertegenwoordiging het recht om de Ondernemingskamer te vragen een onderzoek in te stellen naar het gevoerde beleid. De instellingen in de semipublieke sector kunnen de dialoog met de belanghebbenden voor een groot deel naar eigen inzicht regelen. Dit kan met behulp van een branchecode waarin afspraken staan over goed bestuur en de manier waarop het overleg met de belanghebbenden moet worden gevoerd.

Instellingen die kiezen voor de maatschappelijke onderneming krijgen onder voorwaarden de mogelijkheid om privaat kapitaal aan te trekken zonder dat de investeerders als aandeelhouders de koers van de onderneming kunnen bepalen. Die koers blijft immers ingegeven door het maatschappelijk belang, niet door het particuliere belang. Wel zullen investeerders aanspraak kunnen maken op een aandeel in de winst van de investering die zij doen. Bovendien kunnen zij een commissaris voordragen en hebben zij recht op informatieverschaffing via de jaarrekening, waarover zij ook opmerkingen bij het bestuur kunnen indienen.


Bron:
Rechtennieuws.nl.