Het Nederlandse bedrijfsleven slaat zijn vleugels in toenemende mate internationaal uit en ook het mkb kiest voor groei steeds vaker het verre buitenland.

Populaire export- en investeringsbestemmingen: China, de Verenigde Staten, India, Brazilië en Australië. Want marktomvang en groeipotentie zijn daar welhaast onbegrensd en door een sterk aanzwellende middenklasse geldt dat Nederlandse kwaliteitsproducten in veel sectoren grote populariteit genieten.

“Die trend van reële groei zien we vooral de afgelopen twaalf maanden door toegenomen economisch optimisme steeds sterker worden”, zegt Arjan Groen, Directeur Grootbedrijf bij Rabobank. “De belangstelling voor expansie in bijvoorbeeld China is enorm. Dat blijkt ook uit de laatste handelsmissie onder leiding van premier Rutte. Maar liefst 165 Nederlandse bedrijven namen deel. Een vergelijkbare missie volgende maand naar India zal hetzelfde beeld tonen.”

Actieve groep multinationals

Van oudsher heeft Nederland een zeer internationaal actieve groep multinationals. Philips, DSM, Unilever, KLM, FrieslandCampina. “Maar binnen het mkb en Grootbedrijf zien we nu ook groeiende belangstelling voor buitenlandse expansie”, aldus Groen. “En dat is een segment waar Rabobank zeker wil bijdragen. Met als doel: ondernemers helpen groeien.”

Onlangs maakte Arjan Groen voor zijn bank een rondreis langs Nederlandse familiebedrijven, actief in China en ter plekke bij Rabo bankierend. De sectoren zijn divers. Van Food & Agri tot hightech productiebedrijven. “Rabobank heeft een unieke internationale propositie met eigen vestigingen in meer dan veertig landen. En in achttien landen Nederlands sprekende teams, volledig gericht op het Nederlandse bedrijfsleven. Hierbij dus gebruikmakend van het bancaire wholesale netwerk dat wij wereldwijd hebben opgebouwd als leidende F&A bank. Het gaat daarbij om klein, beursgenoteerd en alles daar tussen. Bedrijven in het buitenland groter maken, is onze topprioriteit. Stel, als productiebedrijf met een omzet van enkele miljoenen klop je aan bij een Chinese bank… Kans op financiering? Nihil!  Want zulke omzetcijfers zijn peanuts in Shanghai en Beijing. Wij kennen die bedrijven daarentegen vanuit de Nederlandse setting. Doen al jaren zaken met ze. Weten wat ze kunnen. En dan stappen we, ook in China, graag in!”

Grote liquiditeiten

Economische rugwind en grote liquiditeiten in het systeem zijn belangrijk voor de Nederlandse markt, stelt Groen. Enerzijds hebben die invloed op de groei van het aantal bedrijfsovernames en de hoogte van de waarderingen, anderzijds zijn ze belangrijk voor organische groei door investeringen in productiefaciliteiten, nieuwe technologieën, innovatie en verduurzaming. Disruptieve groeiers en zogenaamde scale-up’s zijn er de laatste twee jaren steeds meer.

Geholpen door nieuwe ontwikkelingen als robotica, artificial intelligence, big data, internet of things. “Groei laat soms een exponentieel patroon zien en traditionele financieringsoplossingen kunnen tekort schieten. Groeipercentages tot honderden procenten zijn geen uitzondering meer. Ook hier gaat de kost, de investeringen dus, voor de baat uit.”

‘Gestapelde’ financiering

Hoe Rabobank dat in de praktijk aanpakt? Arjan Groen: “Financiering gebeurt allang niet meer alleen traditioneel bancair. Binnenshuis kunnen we ‘gestapelde’ vormen aanbieden. Variërend in looptijd, asset based of juist op kasstromen met beperkte zekerheden. Daarnaast wordt de bankier steeds vaker en meer de regisseur. Door ook totaaloplossingen aan te bieden, samen met derde partijen. Denk aan schuldfondsen, het Achtergestelde Leningen Fonds, het Bedrijfsleningen Fonds, de Europese Investeringsbank… Bij grote financieringsverzoeken is het opzetten van een zogenaamde clubdeal met één of meerdere banken bekend verschijnsel geworden. Maar ondertussen komen ook steeds vaker alternatieve oplossingen beschikbaar. Geholpen door de grote hoeveelheid liquiditeiten in de markt, de lage renteomgeving en de impact van Basel IV op het bankwezen.”

Disruptieve groeibedrijven

Volgens de Directeur Grootbedrijf is Rabobank van ‘traditioneel bancair’ naar ‘samenwerkend met andere partijen voor het beste resultaat’ gegaan. “Dit vraagt natuurlijk een andere invulling van de rol van onze relatiemanagers. Zowel bij lokale Rabobanken als bij Corporate Clients. Verbindend en weten wat er te koop is. Ondernemers zijn gebaat bij een ‘one-stop-shop’ advies. En dat hebben wij in huis. Óf we vinden het bij partners buiten de bank. Zo zijn we in staat om de groei in het bedrijfsleven te faciliteren en ook steeds meer disruptieve groeibedrijven en nieuwe technologieën, zoals die eerder genoemde robotica en big data, te financieren.”

Winner of looser?

Grote vraag blijft: is zo’n bedrijf winner of loser? “Wij steken geld in risicovolle projecten omdat wij erin geloven”, legt Groen uit. “Dat kan natuurlijk ook misgaan. Als een bedrijf het onverhoopt niet redt en wij hebben speciaal op maat gemaakte robots gefinancierd, zijn we ons geld kwijt. Daarom is er binnen de bank veel kennis en expertise om nieuwe technologieën te beoordelen en te financieren. Zo werken we nauw samen met de robotica campus RoboValley in Delft. We delen onze kennis actief met klanten. Uitgangspunt is dat we zeker ook disruptieve bedrijven willen laten groeien waar dat kan.”

Het is mooi om bankier te zijn in deze tijden, zo ervaart Groen zijn werk. “Er gebeurt veel en het Nederlandse bedrijfsleven is, zeker ook internationaal, succesvol. Graag leveren we als bank onze bijdrage. Verbinden we waar nodig. Volgen, stimuleren we nieuwe ontwikkelingen nauwgezet. En uiteindelijk staat daar dan een duurzame productiefaciliteit, dat hightech logistiek centrum, die volledig gerobotiseerde productielijn. Of opent een klant een fabriek in China, in Brazilië. Ik ben dan trots dat we ons steentje hebben kunnen bijdragen. Ondernemers helpen groeien. Dat is wat we doen, dat is wat we blijven doen.”