'Huidige tijd biedt kansen voor controllers'

Arjan van der Nat werkte jarenlang in het buitenland voor TNT. Momenteel is hij programmadirecteur op het hoofdkantoor van TNT. Sinds maart 2008 is hij tevens voorzitter van de Vereniging van Registercontrollers (VRC). In de huidige tijd ziet Van der Nat veel kansen voor de controllersfunctie en de VRC. "Dit is bij uitstek een klimaat waarin je stelling kunt nemen en een meer herkenbare positie in de maatschappij kunt claimen. Als wij het niet doen, doen anderen het wel."

Wat zijn ontwikkelingen op het gebied van finance & control en hoe ziet u daarin de rol van de VRC?
“Het is een zeer interessante tijd qua maatschappij, omgeving, turbulentie en financiële crisis, waarin veel van controllers wordt verwacht. Af en toe vraag ik me af waar al die registercontrollers (RC’s) de afgelopen maanden en jaren waren. Ze lijken niet te hebben gezorgd voor een betere bewaking of signalering van de onderliggende problemen, bijvoorbeeld bij banken en verzekeraars. Veel controllers hebben de gevaren die op de loer lagen misschien wel gezien, maar hebben niet aan de bel getrokken of werden misschien niet geloofd. ‘The sky was the limit.’

Hoe dan ook, het controllersvak evolueert. Ik vind dat de controller in het managementteam toegevoegde waarde dient te leveren, waarbij de basis de bestuurlijke informatieverzorging (BIV) is. Daarin wordt het aspect van maatschappelijk verantwoord ondernemen steeds belangrijker. Ik ben van mening dat de controller het geweten moet zijn, iemand die een eigen visie heeft en onafhankelijk is. Hij moet proactief deelnemen en worden erkend als iemand die weet waar hij voor staat en over praat. Hij dient voldoende overtuigingskracht te hebben om af en toe het gaspedaal in te drukken, maar ook om op de rem te staan. Dat is waar ik de rol en de kracht van de registercontrollers op hoofdlijnen zie.

Ik denk dat wij als VRC ze met de ontwikkeling van hun vakinhoudelijke kennis en persoonlijke vaardigheden kunnen ondersteunen en meer kunnen betekenen door die verder in te richten. Wij hebben met de VRC recentelijk een aantal turbulente ontwikkelingen doorgemaakt, maar we zitten nu in een fase om de vereniging meer ‘schwung’ en ‘body’ te geven.”


Wat betekent leadership in finance voor u en hoe kan de VRC hierop inspelen?

“In de afgelopen jaren is de invloed van de financiële functie (en daarmee van de CFO die hieraan leiding geeft) op het ondernemingsbeleid sterk toegenomen. Denk hierbij aan risicomanagement als gevolg van Sox, maar ook aan de discussies rond aandeelhouderswaarde of meer recentelijk de discussies rond het managen van werkkapitaal. Uiteindelijk raken al deze onderwerpen ook op een of andere wijze de strategie van de onderneming. Dit betekent dat finance een veel bredere kijk op zaken zal moeten hebben dan vroeger het geval was, en dit vraagt specifieke eigenschappen van de CFO. Hij zal meer en effectief leiderschap moeten tonen en zal daarmee een zwaarder stempel drukken op het ondernemingsbeleid. Hij moet een visie hebben en deze uitdragen, en hij moet weten waar de onderneming naar toe gaat. Tenslotte zal hij kritischer moeten zijn en doeltreffend op risico’s moeten reageren. Dit vraagt een adequate inrichting van de financiële functie waar de CFO verantwoordelijk voor is.

Naast de traditionele taken zal met name de aandacht van de CFO voor het risicomanagement verder toenemen, waarbij dit uiteraard ondersteunend dient te zijn aan het realiseren van de ondernemingsstrategie. De stakeholders verlangen dit en indien succesvol, zal de CFO ook veel meer de natuurlijke partner van de CEO worden dan voorheen het geval was. Uiteraard dient hij de fundamentele beginselen integriteit, objectiviteit, deskundigheid en zorgvuldigheid, geheimhouding en professioneel gedrag blijvend in acht te nemen. Als VRC kunnen we hierop inspelen door naast de vakinhoudelijke aspecten van de financiële functie ook nadrukkelijk aandacht te vragen voor zaken die samenhangen met persoonlijke vaardigheden en effectiviteit. De fundamentele beginselen zijn vastgelegd in de VRCgedragscode, waaraan iedere RC zich dient te houden en die de VRC bewaakt en handhaaft.”


Hoe ziet u het spanningsveld tussen de CFO/FD enerzijds en de controllers anderzijds?

“Dat spanningsveld is volgens mij minder geworden. Ik zie daarentegen meer een spanningsveld tussen mij als financieel directeur en de niet-controllers. Mijn collega’s in het managementteam, die vooral vooruit willen, hebben soms het gevoel dat je als controller of CFO (te) vaak op de rem staat. Achteraf wordt dan wel gezegd dat je gelijk had, maar op het moment suprême ontstaat er wel eens frictie over het te voeren beleid en de te nemen beslissingen. Die frictie is er volgens mij minder binnen de controlfunctie zelf. Uiteindelijk hebben wij hetzelfde doel voor ogen, namelijk het management ondersteunen bij de besturing van de organisatie en de te nemen beslissingen. Wel kunnen controllers opereren vanuit verschillende expertises. Ik heb bijvoorbeeld een commercieel controller en een operationeel controller, die ieder door hun eigen bril kijken naar de problematiek waar ze voor staan. Dat levert leuke en boeiende discussies op.”


Moet de registercontroller en/of VRC deelnemen aan het maatschappelijk debat en het eigen functioneren kritisch onder de loep nemen?

“Dit is bij uitstek een klimaat waarin je stelling kunt nemen om te proberen een meer herkenbare positie in de maatschappij te claimen. Als wij het niet doen, doen anderen het wel. De politiek is er bijvoorbeeld mee bezig en er is nu alle aandacht en ruimte voor. Je zou kunnen zeggen dat we de wind mee hebben, maar dan moeten we wel actie ondernemen. Het is mijn overtuiging dat de RC een sleutelfunctionaris moet zijn binnen de organisatie en daartoe heeft hij een krachtig instrument tot zijn beschikking, namelijk de bestuurlijke informatieverzorging. Dat is ook waaraan hij waarde kan en moet toevoegen. Het zou daarbij wel passen als ook wij meer zelfkritisch zouden zijn.”

Hoe ziet u het onderscheid tussen de registeraccountant en de registercontroller?
“Er is een stereotiepe uitspraak dat de accountant in de achteruitkijkspiegel kijkt en de controller door de voorruit en zijspiegel. Persoonlijk denk ik dat het onderscheid zal vervagen. Zeker als je ook kijkt naar de plannen die het NIVRA kenbaar heeft gemaakt. Vanuit de opleiding gezien is het overigens wel zo dat de EMFC-opleiding veel meer een zogenoemde post experience-opleiding is dan de huidige RA-opleiding; om aan de EMFC-opleiding te worden toegelaten dien je in beginsel minimaal te beschikken over twee jaar relevante werkervaring. Daarnaast is de EMFC-opleiding veel breder dan de traditionele RAopleiding en wordt er meer gewerkt met praktijkcasuïstiek.

Als ik voor mijn bedrijf een controller zoek, is het voor mij a priori niet het belangrijkst of die man of vrouw een RA-titel of RC-dienstmerk heeft. Uiteraard heb ik voor een financial controller wel een lichte voorkeur voor iemand met een RA-achtergrond en voor een businesscontroller voor iemand met een RC-achtergrond. Wat ik echter eveneens belangrijk vind, zijn de persoonlijke vaardigheden die deze mensen meebrengen, hoe ze in het leven staan, waar ze naartoe willen en welke businesservaring ze hebben opgedaan.

Overigens weet je bij een RC wel dat je dan iemand in huis hebt die uitstekend is opgeleid, het vak en de persoonlijke vaardigheden bijhoudt door permanente educatie (PE) en zich houdt aan de gedragscode voor registercontrollers. Uiteindelijk zal volgens mij de typologie van controller of accountant minder zwaar wegen, naarmate je verder in je carrière komt. Naast vakinhoudelijke kennis gaat het om persoonlijke vaardigheden/effectiviteit, ofwel je signatuur en businesservaring. Dat zijn eigenlijk de drie pijlers die bepalen of iemand een meer dan goede controller of CFO wordt en daarmee een leader in finance.”


Uw keuze hangt dus met name af van persoonlijke vaardigheden en businesservaring? Is dat niet een opmerkelijke uitspraak voor de voorzitter van de VRC?

“Uiteraard zou ik het mooi vinden als op termijn de meerderheid van de CFO’s in Nederland een RC-achtergrond heeft, maar dat is volgens mij een utopie. De keuze voor een CFO wordt uiteindelijk veel meer bepaald door ervaring, persoonlijke effectiviteit en hoe de kandidaat in het leven staat, dan of iemand een EMFC-opleiding heeft gedaan.

Kijkend naar de drie pijlers, zijnde vakinhoudelijke kennis, persoonlijke vaardigheden en businesservaring, ben ik van mening de VRC zich de afgelopen tijd met name heeft beziggehouden met vakinhoudelijke ontwikkeling en daarin een aantal goede dingen heeft neergezet, zoals het vormgeven van permanente educatie. Ook zijn we nu volop bezig met de inbedding van een gemoderniseerde gedragscode die in december 2008 door onze leden is aangenomen.

Ik denk dat we nog te weinig gedaan hebben aan de persoonlijke vaardigheden. Daar zouden we als VRC meer in kunnen betekenen. Wij proberen ons als VRC dus niet alleen op de opleidingskant te focussen, maar het palet wat breder te trekken. Businesservaring moet je gewoon krijgen door werkervaring op te doen in de bedrijfstak of branche waarin je werkzaam bent. Daar kunnen wij als vereniging minder in betekenen. Als ik met andere CFO’s en headhunters praat, komt vaak naar voren dat de opleiding belangrijk is, maar dat daarmee lang niet alles is gezegd. Het gaat om het totaalplaatje.

Ik zie de VRC als een herkenbare intermediair tussen wat de markt van professionals vraagt en wat de opleidingen leveren, waarbij we streven naar een situatie dat de maatschappij het RC-dienstmerk steeds meer op waarde weet te schatten. Dit artikel is een verkorte versie van het interview dat Arjan van der Nat gaf ten behoeve van het boek Van trendvolger naar trendsetter dat de VRC medio dit jaar ter gelegenheid van haar twintigjarig bestaan zal uitbrengen. Voor de volledige weergave van het interview wordt naar het boek verwezen.”