Boete van 344 miljoen om verboden prijsafspraken over valutahandel.

De Europese Commissie heeft een boete van in totaal 344 miljoen euro opgelegd aan de Britse banken HSBC, Barclays, RBS en het Zwitserse Credit Suisse. De boete van Brussel is het gevolg van de betrokkenheid van deze banken bij een kartel, waarin verboden prijsafspraken werden gemaakt op het gebied van de valutahandel.

In totaal werd een boete van 261 miljoen euro opgelegd aan de vier banken die hebben besloten de zaak te schikken, namelijk UBS, Barclays, RBS en HSBC. Omdat UBS, waar oud-ING-topman Ralph Hamers sinds vorig jaar aan het roer staat, het kartel aangaf, hoeft de Zwitserse bank een boete van 94 miljoen euro niet te betalen. Credit Suisse, die geen schikking heeft getroffen, moet een boete van 83 miljoen euro betalen. HSBC kreeg met dik 174 miljoen euro de hoogste boete. Barclays en RBS moeten respectievelijk 54 miljoen en 32,5 miljoen euro betalen.

Volgens eurocommissaris Margrethe Vestager geven de boetes een duidelijk signaal af dat de Europese Commissie zich blijft inzetten voor een gezonde en concurrerende financiële sector die essentieel is voor investeringen en groei. Het was het zesde kartelonderzoek door Brussel in de financiële sector sinds 2013.

Het onderzoek van de Commissie was gericht op de handel in valuta's van de G10-landen, een van de grootste financiële markten ter wereld. Uit het onderzoek bleek dat sommige handelaren van de banken gevoelige informatie uitwisselden en hun handelsstrategieën met elkaar afstemden via een professionele chatroom genaamd Sterling Lads.