Grijs gebied

Is het toeval? Sinds de corporate governance Tabaksblat in 2004 van kracht werd, is Nederland een gewild land om overnamekoopjes te scoren. Niet verwonderlijk want de code liet beursgenoteerde ondernemingen stuk voor stuk hun beschermingswallen afbouwen. Daarbij kwam een toegenomen assertiviteit van aandeelhouders.

Een uitverkoop van de BV in Nederland volgde, alhoewel we die uitverkoop niet moeten dramatiseren. We nemen namelijk altijd nog meer zelf over in het buitenland dan het buitenland overneemt bij ons. Maar de code zorgde al met al bij verschillende gelegenheden zoals Versatel, ABN AMRO, VNU en Stork voor nogal wat vuurwerk.

De rechter moest er menigmaal aan te pas komen om de vechtende partijen uit elkaar te halen. Tijd om een nieuw hoofdstuk aan de code toe te voegen, moet Jean Frijns, oud-ABP-topman en voorzitter van de commissie die een evaluatie van de code uitvoerde, hebben gedacht.


VERSTANDIG
Het is uitermate verstandig van Frijns dat hij niet zijn oren heeft laten hangen naar de Vereniging van Effectenbezitters. Hij kiest fundamenteel voor het Rijnlandse model door niet alleen de aandeelhouder, maar juist het belang van alle stakeholders bij een overname voorop te zetten.

Het is niet alleen rendement dat de klok slaat. Het belang van de vennootschap en haar stakeholders (waaronder de aandeelhouders) voert de boventoon. Het is eveneens verstandig te noemen dat Frijns pleit voor nauwere samenwerking tussen de raad van commissarissen (nu nog te weinig betrokken bij dergelijke processen) en de raad van bestuur.

Zij mogen als één front gaan opereren op het moment van een overname. Als dat niet de belangen dient van een breed scala aan stakeholders, dan weet ik het ook niet meer. Vraag is wel of de gemidddelde commissaris geëquipeerd is om die taak serieus op zich te nemen, want te vaak is het nog een vriend uit een old boys network. De sigaar en de whiskey denkt u er zelf maar bij.


KANTTEKENING
Tot zover een goed idee, dat extra hoofdstuk. Echter, een fikse kanttekening is wel te maken. Schouder aan schouder (zoals Frijns het zelf zei) optrekken van bestuur en commissarissen is aardig bedacht, maar en passant heeft de commissaris een taak als toezichthouder.

Hij kan in de praktijk dus in een spagaat terecht komen als hij het proces schouder aan schouder met het bestuur wil managen, maar tegelijkertijd moet toezien op datzelfde bestuur voor een ordentelijk verloop. Het lijkt op een scheidsrechter die meevoetbalt, maar ook het spel moet leiden.

En dan komen we meteen op een belangrijk issue dat die spagaat kan veroorzaken: bestuur en commissarissen kunnen de buit verdelen, bijvoorbeeld omdat zij er belang bij hebben dat de overname door gaat. Denk aan posten in de nieuwe onderneming of opties- en aandelenbeloningen.

Dat Frijns die tweeslachtigheid niet aanpakt, is een gemiste kans. Hij had duidelijkheid kunnen verschaffen in een zeer grijs gebied. Dus het verzoek aan Bos: voeg aan dit in esentie prima stuk van Frijns een alinea toe.