Factoring in opkomst

Het FD meldt dat bedrijven in toenemende mate alternatieve bankleningen zoeken. Dit komt mede omdat banken terughoudender zijn geworden met het vertrekken van krediet. Factoring is een belangrijk alternatief geworden. Volgens Coface is de markt hiervoor is in 2007 met 25 procent gestegen tot circa 34 miljard euro.

Onder Basel 2, het internationale regelstelsel voor bufferkapitaal van banken, verplicht banken om meer kapitaal aan te houden voor bepaalde bedrijfskredieten dan vroeger. Dit maakt het voor banken minder aantrekkelijk om leningen aan ondernemers te vertrekken.

Bij factoring krijgen bedrijven krediet dat gekoppeld is aan een bedrag van verstuurde maar nog niet voldane rekeningen. Factoring verschilt van een banklening op drie manieren. Ten eerste is het geen lening, maar de aankoop van een vermogensbestanddeel (de rekeningen).

Ten tweede ligt de nadruk niet ligt op de kredietwaardigheid van een onderneming, maar op de waarde van de vorderingen. Tot slot zijn er bij factoring drie partijen betrokken in plaats van twee bij een banklening. Dit zijn de verkoper, de debiteur en de financiële organisatie die het geld verstrekt.

Voorheen was factoren vooral interessant voor het MKB, maar volgens Coface het is nu sterk in opkomst voor het grootbedrijf omdat banken vooral bij grotere kredieten terughoudender zijn geworden.