De ouderenzorg dreigt financieel in een diepe put te belanden, meldt BDO.

Ondanks dat de omzet in de ouderzorg in 2021 met 745 miljoen euro steeg, daalde het resultaat met 34 miljoen euro. Veel van de toegenomen omzet ging op aan gestegen personeelskosten. Zo werd 124,6 miljoen euro meer uitgegeven aan inhuur van personeel en werd het eigen personeel door salarisstijgingen en de nieuwe vervroegde uittreedregeling 446,2 miljoen euro duurder.

Het aantal instellingen met een verlies in 2021 is toegenomen van 77 in 2020 naar 95 in 2021 (17%). Met de aanhoudende arbeidskrapte, inflatie en daarmee samenhangende prijsstijgingen van toeleveranciers, pakken zich donkere wolken samen boven de ouderenzorg. “Er komt meer druk dan ooit op de tarieven”, voorspelt Mike Tagage, partner bij BDO Accountants & Adviseurs.

Dat blijkt uit het jaarlijkse benchmarkonderzoek van BDO Accountants & Adviseurs naar de ouderenzorg. Hierin rapporteert BDO over de financiële situatie van 561 organisaties in deze sector. De ouderenzorg behaalde over 2021 een omzet van 22,3 miljard euro, ten opzichte van 21,5 miljard euro over 2020. Het resultaat in de sector kwam uit op 525,2 miljoen euro (2021: 558,6 miljoen euro). De instellingen met een omzet tot 60 miljoen euro hadden het grootste aandeel in de resultaatdaling. Hier bedroeg de daling in totaal 30,9 miljoen euro.

Zware jaren
BDO verwacht dat de ouderenzorg zware jaren te wachten staat. “De personeelskosten en inkoopkosten van bijvoorbeeld voeding en energie lopen alleen maar op. De extra vergoeding die de overheid in 2023 ter beschikking stelt voor arbeid is nog geen vijf procent. De huidige inflatiecijfers zorgen voor een welhaast onmogelijk in te vullen financieel gat. De alsmaar stijgende zorgvraag door de dubbele vergrijzing maakt het probleem ook niet kleiner”, somt Tagage de uitdagingen op.

“Vanaf 2024 wordt het nog erger. Dan ontvangen instellingen een lagere vergoeding voor rente op leningen en huur- en afschrijvingskosten van vastgoed. De normatieve huisvestingscomponent NHC, onderdeel van het algehele tarief dat zorginstellingen declareren, daalt met maar liefst acht procent. De overheid heeft besloten de lagere rentestand vanaf 2018 in de NHC tot uitdrukking te brengen. Opmerkelijk omdat de rente de laatste maanden juist alleen maar aan het stijgen is. We moeten toch niet willen dat we teruggaan naar de meerpersoonskamers van 2008”, stelt het lid van de Branchegroep Zorg bij BDO.

Spanning aan de onderhandelingstafel
BDO betwijfelt of het mede door branchevereniging ActiZ getekende integraal zorgakkoord deze exploitatieproblemen deels kan oplossen. “Het akkoord gaat niet over de langdurige zorg. Een transitie van ‘zorg leveren’ naar ‘ondersteuning van de cliënt’ is echter wel noodzakelijk. Extra middelen voor de wijkverpleging zijn hard nodig en hebben een gunstig effect op de kostenstructuur van de sector. Evenals focus op preventie, zorg thuis waar mogelijk, digitalisering en minder bureaucratie. Daarnaast moet de uitstroom van zorgprofessionals voorkomen worden, zodat er minder noodzaak is tot inhuur van personeel niet in loondienst”, benadrukt Tagage. “De kostenstijgingen waar de zorgsector nu mee te maken krijgt, zijn echter zodanig van omvang dat kostenreductie en doelmatiger werken alleen niet alle problemen oplost. Dat betekent dat er aan de onderhandelingstafel met zorgaanbieders en zorgkantoren stevige gesprekken over de tarieven gevoerd worden die tot oplopende spanning leiden.”

Risico’s bij een transitie
Toewerken naar een duurzame samenwerking in de keten, op eigen initiatief vanuit de langdurige zorg, en verdere technologische innovatie zijn additionele oplossingsrichtingen waaraan de ouderenzorg kan denken. BDO is voorstander van zorg organiseren vanuit de cliënt, maar acht daarbij waakzaamheid geboden.

“De financiën mogen niet aan de aandacht ontsnappen. Kosten en opbrengsten zijn niet altijd meteen inzichtelijk en goed in te schatten. Dit kan resulteren in teleurstellingen en vertraging, waardoor bij de uitvoering van de transitie geld alsnog een belemmerende factor wordt. De ervaring is dat bij pilots, waar in een transitie vaak gebruik van wordt gemaakt, wet- en regelgeving nogal eens in de weg zit en het moeizaam is structurele afspraken met zorgkantoren te maken,” besluit Tagage.