De CFO: liever normale mensen dan strikte normen

Na de gebeurtenissen bij Worldcom, Tyco en Enron werd behoorlijk bestuur een hot topic. Zonder al te veel weerstand werd de Sarbanes-Oxley door de Amerikaanse senaat geloodst. Snel daarna heeft Nederland kennis gemaakt met Morris Tabaksblat en zijn code.


Meer recent heeft de overheid de afgelopen maand twee rapporten gepubliceerd die voor het functioneren van de CFO in de publieke sector van groot belang kunnen worden. Dit zijn het rapport van de Commissie Behoorlijk bestuur (in de wandelgangen de commissie Halsema) en de Miljoenennota (en met name pagina 133 over risico’s bij publieke instellingen). Beide bespreken hoe het probleem van te risicovol of frauduleus handelen van bestuurders kan worden voorkomen. De oplossingen die worden aangedragen, kunnen niet verder uit elkaar liggen.

De commissie Halsema heeft duidelijk Simon (Levers of control) gelezen en geeft aan dat er voldoende formele normenkaders en procedures zijn en dat de nadruk nu moet liggen bij het aanspreken van bestuurders en medewerkers om zo hun gedrag te corrigeren (belief and interactive controls).

De Miljoenennota blijft hameren op het aambeeld van de harde controlemaatregelen (boundary and diagnostic controls) en meldt dat vijf ministeries aan de gang gaan met het ontwikkelen van een normenkader financieel beheer en het financieel toezicht. De bedoeling is vooral om het toezicht te versterken, in bevoegdheden, aantallen en concrete normenkaders.

Gezien het feit dat de aanbevelingen van de commissie Halsema slechts de status hebben van een advies en de andere tekst een beleidsvoornemen van het kabinet is, is de kans groot dat de aanbevelingen in de Miljoenennota meer impact zullen hebben op publieke instellingen dan het advies Halsema.

Kijkend naar de trends van de financiële functie zoals verpersoonlijkt in de CFO, wordt bij de CFO meer en meer een beroep gedaan op zijn interpersoonlijke skills. Financiële vakkennis blijft noodzakelijk, maar de CFO moet zijn verhaal goed kunnen overbrengen en mensen kunnen overtuigen: Wat betekent de derivatenpositie van de wooncorporatie voor mijn maandelijkse huurlast? Komt mijn gezondheid niet in gevaar als het ziekenhuis bezuinigt? Maar ook vragen van zijn collega-bestuurders: Waarom zijn die financiële kengetallen belangrijk voor mij? Waarom zou een bezettingsgraad interessant voor mij zijn?

Behoorlijk bestuur ten aanzien van financieel beheer is feitelijk gericht op het verantwoord omgaan met financiële middelen, in de publieke sector met publieke middelen. De voornemens uit de Miljoenennota dreigen opnieuw weer veel aandacht en energie te vergen voor het aloude controledeel waarbij uitgewerkte normenkaders, formele procedures en formele handelingen en vergaderingen de hoofdtoon voeren. Het meest waarschijnlijke gevolg is een verdergaande bureaucratisering van de financiële functie. Hiermee loopt de CFO het gevaar dat hij uit het oog verliest waarom het hem eigenlijk te doen is: Het winnen van hearts and minds voor het belang van financieel-economische afwegingen.

Ron Vossen MBA is senior consultant bij ConQuaestor. Ron is Lean Six Sigma Black Belt, gespecialiseerd in de zorgsector en richt zich op het optimaliseren van financiële procesvoering. Maarten Mookhoek is senior adviseur bij ConQuaestor en gespecialiseerd in de ontwikkeling en begeleiding van de financiële functie en Financial Leadership. De auteurs deden samen een onderzoek naar Financial Leadership in de publieke sector.