Is er in de top van beursbedrijven plek voor Nederlandse finance-professionals?

Bij Nederlandse beursbedrijven is de grootste kans op een toppositie.

Voor Nederlandse finance-professionals met ambities voor de bestuurskamer van een beursfonds wordt de weg naar de top steeds minder vanzelfsprekend. Bedrijven met een beursnotering in Amsterdam. kiezen namelijk steeds vaker voor buitenlandse bestuurders. Uit nieuw onderzoek van adviesbureau Heidrick & Struggles blijkt dat inmiddels de helft van de bestuursvoorzitters van AEX-bedrijven niet de Nederlandse nationaliteit heeft.

Daarmee zet een trend door die al langer zichtbaar is. In 2024 steeg het aandeel buitenlandse CEO’s van 39 naar 42 procent. Inmiddels is dat opgelopen tot exact 50 procent. Alleen in Zwitserland worden nog vaker buitenlandse topbestuurders benoemd dan in Nederland.

Concurreren met internationale vijver
Voor Nederlandse financiële talenten betekent dit dat zij niet alleen concurreren met collega’s uit eigen land, maar steeds vaker ook met een internationale vijver van bestuurders. Volgens Imke Lampe van Heidrick & Struggles hangt dat samen met de veranderende omgeving waarin grote ondernemingen opereren. “De vraag naar leiders met een brede blik en ervaring in verschillende markten en culturen groeit. De sterke toename van buitenlandse CEO’s past binnen die ontwikkeling.”

Nederlandse beursbedrijven
Financials die willen doogroeien naar het bestuur van beursbedrijven, kunnen het best kijken naar Nederlandse beursbedrijven. Die kiezen opvallend vaak voor bestuurders uit de eigen gelederen, zo komt naar voren uit het onderzoek. De AEX is zelfs Europees koploper als het gaat om interne benoemingen. Slechts één op de vijf nieuwe bestuursvoorzitters kwam het afgelopen jaar van buiten de eigen organisatie, tegenover een kwart een jaar eerder.

Die voorkeur voor interne kandidaten heeft echter een keerzijde. Toekomstige bestuursvoorzitters moeten aanzienlijk langer wachten voordat zij de hoogste functie bereiken. Waar een CEO in 2023 gemiddeld na 9,5 jaar binnen een organisatie werd benoemd, is dat in 2025 opgelopen tot bijna 15 jaar. Het Europese gemiddelde ligt op 9,2 jaar.

Nieuw leiderschap
Daardoor lijkt de ruimte voor nieuw leiderschap af te nemen. Slechts 15 procent van de huidige bestuursvoorzitters van AEX-bedrijven werd vóór het 45e levensjaar benoemd. Nog geen twee jaar geleden gold dat voor een kwart van de topbestuurders. Nederland behoort daarmee samen met Denemarken, Finland, Italië en het Verenigd Koninkrijk tot de Europese achterhoede als het gaat om jonge CEO’s.

Vrouwen in de top
Voor vrouwelijke financials lijkt de route naar de top van beursbedrijven nog moeilijker te zijn. De doorstroming van vrouwen naar de top blijft beperkt. Het aandeel vrouwelijke bestuursvoorzitters bij AEX-bedrijven bleef steken op 8 procent. Slechts twee ondernemingen hebben momenteel een vrouw aan het roer: Stacey Caywood bij Wolters Kluwer en Marguerite Bernard bij ABN AMRO.

De ontwikkelingen schetsen een bestuurskamer die internationaler wordt, maar tegelijkertijd steeds vaker put uit een kleine groep ervaren interne kandidaten. Voor Nederlandse finance-professionals betekent dat dat een plek aan de top van een beursbedrijf zeker niet is verdwenen, maar wel minder vanzelfsprekend is geworden. De concurrentie komt steeds vaker van buiten de landsgrenzen, terwijl de route naar de bestuursvoorzitterstoel langer en selectiever wordt.

Gerelateerde artikelen