In de ICT hebben we het vaak over legacy-systemen. Bedoeld worden de oude of verouderde ICT-systemen die grote bedrijven met zich meetorsen. Deze systemen zijn vaak meer dan tien jaar geleden gebouwd met inmiddels verouderde technologie op basis van soms verouderde businessmodellen.

Veel kennis van bedrijven is in de loop van de jaren ingebouwd in deze systemen, kortom, de afhankelijkheid ervan is groot, maar het onderhoud kost veel geld. Soms gaat het om 50 oplopend tot 80 procent van de ICT-kosten. Veel bedrijven staan voor de belangrijke beslissing om deze systemen ‘aan te pakken’. Behalve het kostenprobleem belemmeren ze de businessvernieuwing en vormen ze een toenemend bedrijfsrisico.

Wat doen we ermee? Rigoureus nieuwe systemen neerzetten is mogelijk, maar kost veel geld, duurt lang, vreet energie en wil nogal eens uit de hand lopen: de fameuze mislukte ICT-projecten. Met andere woorden, het ene risico wordt voor het andere ingeruild. Er zijn een aantal oplossingen. Om te grote risico’s te vermijden is het mogelijk om niet alles ineens, maar delen van een systeem te vervangen, respectievelijk in één land (divisie, businessunit en dergelijke) te beginnen.

Het is ook mogelijk om de meest kritische bedrijfsapplicaties te outsourcen aan gespecialiseerde bedrijven, die soms in staat zijn 100 procent up-time garantie te geven. Vaak niet goedkoper, maar wel zeer bedrijfszeker. Een andere mogelijkheid is (delen van) de legacy te ‘verpakken’ en te ‘bevriezen’, en boven op het oude systeem een modern systeem neer te zetten, dat gebruikmaakt van de legacy, maar waarbij het niet meer nodig is de legacy-systemen zelf te wijzigen. De onderhoudskosten (en risico’s) worden factoren naar beneden gebracht en er ontstaan mogelijkheden om nieuwe businessprocessen met nieuwe flexibiliteit te ontwikkelen.


ZICHZELF OPNIEUW UITVINDEN

Technologische oplossingen te over, maar al die mogelijkheden lossen één ding niet op: een bedrijf moet allereerst goed bedenken wat het met zijn bedrijfsprocessen wil. In deze tijd is immers één ding duidelijk: de oude tijden keren niet meer terug, dus oplappen van oude systemen is niet voldoende.

Vrijwel alle organisaties (banken, productiebedrijven, media, overheden) worden geconfronteerd met snelle globalisatie, verschuiving van de markt naar de Aziatische landen en snel opkomende nieuwe technologie. Heel veel klassieke Europese en Amerikaanse bedrijven zijn daardoor feitelijk legacy-bedrijven geworden: het bedrijfsmodel past niet meer bij de nieuwe tijden. Ze zijn te traag, hebben een verouderde hiërarchische managementcultuur, sommige houden verkrampt vast aan ‘vroeger’.

Er zijn voor veel bedrijven feitelijk maar twee oplossingen: zichzelf compleet opnieuw uitvinden of ten onder gaan. Voor de eerste oplossing is primair management nodig, dat vanuit de eigen specifieke beroepsinvalshoek de nieuwe tijden snapt en die kan vertalen in een nieuw bedrijfsmodel met nieuwe bedrijfsprocessen.

Deze mensen worden vaak ‘dual-thinkers’ of hybride denkers genoemd: aan één kant de oude business begrijpen, aan de andere volledig doorzien wat nieuwe technologie op het eigen businessgebied gaat betekenen. Helaas is Nederland op dit punt qua nieuwe leiders en management (noch qua cultuur, noch qua ambitie) niet al te goed voorzien.

Van de laatste oplossing (ten onder gaan) zien we voorbeelden in de auto-industrie, in mediabedrijven, de reisbranche enzovoorts. De algemene verwachting is dat het proces van ‘afsterven’ van legacy-bedrijven ten gunste van nieuwkomers de komende tien jaar in veel sectoren in versneld tempo zal doorzetten.

De recente recessie heeft het vuurtje feitelijk alleen maar aangewakkerd. Er is minder geld, de noodzaak voor vernieuwing is des te groter en er is meer dan voldoende technologie beschikbaar om bedrijven ‘om te vormen’. Het zal interessant zijn om te zien welke (nieuwe) leiders in staat zijn van hun legacy-organisaties nieuwe winners te maken.