CM Trendmeter: Betaalmoraal bedrijfsleven daalt

Credit managers hebben te maken met meer wanbetalers dan een half jaar geleden. Een stijgend aantal noemt het betaalgedrag van de BV Nederland matig of zelfs slecht, zo blijkt uit onderzoek van softwareleverancier OnGuard.

De economie trekt aan, maar dat betekent niet automatisch dat bedrijven nu graag hun rekeningen vereffenen.  Integendeel, volgens De credit managers is de betaalmoraal slechter dan een half jaar geleden. Dat is één van de belangrijkste conclusies uit het onderzoek.

De leverancier van credit management software wil met het onderzoek een vinger aan de pols houden in haar vakgebied. Het meest recente onderzoek wijst uit dat 37 procent van de deelnemers negatief is over het betalingsgedrag van bedrijven. In een soortgelijk onderzoek in juni 2006 was dat nog 30 procent.

Dat het hier niet gaat om ongefundeerde onderbuikgevoelens, toont hetzelfde onderzoek aan: het aantal wanbetalers steeg in het afgelopen half jaar met 12 procent. 87 procent van de credit managers meldde desgevraagd dat ze geregeld tot vaak te maken te hebben met klanten die niet op tijd betalen.

De Days Sales Outstanding (DSO) is daarentegen wel dalende, gemiddeld staat een rekening nu nog 44 dagen open. Driekwart van de respondenten verwacht niet dat dit verder zal verbeteren het komende half jaar. Het onderzoek werd eind vorig jaar gehouden onder 257 credit managers. De respondenten, voornamelijk mannen (83 procent), bekleden functies als credit manager (31 procent), financial controller (14 procent) en debiteurenbewaker (24 procent), vooral bij grotere bedrijven. 68 procent is in dienst bij een bedrijf met meer dan 100 werknemers.

Opleving economie
Ook al mag je verwachten dat een aantrekkende economie bij veel bedrijven voor meer geld in het laatje zal zorgen, dan heeft dat nog niet geleid tot een verbeterd betaalgedrag. Dat concludeert Dave Taylor, directeur van OnGuard. Taylor heeft daar een verklaring voor: 'Volgens de deelnemers aan het onderzoek heeft de aantrekkende economie niet geleid tot beter betaalgedrag. Sterker nog, door voorfinanciering heeft de opwaartse trend zelfs een negatief effect op de DSO.

Wanneer de economie aantrekt, houden bedrijven hun geld vaak langer vast. Dit heeft er mee te maken dat ze veel nieuwe orders binnen krijgen die voorgeschoten moeten worden. Hierdoor stellen ze het betalen van openstaande rekeningen uit totdat ze het geld van deze orders binnen hebben.'

Een beruchte wanbetaalperiode is net achter de rug. Dat is het positieve nieuws dat OnGuard kan melden. In december/januari zijn bedrijven namelijk slecht met betalen, net als ook de zomer een slechte betaalperiode is volgens debiteurenbeheerders. Taylor legt uit: 'In de decembermaand zijn debiteurenafdelingen vaak druk bezig met de jaarafsluiting. Een heel drukke periode waarin rekeningen wel eens blijven liggen. Daarnaast zie je dat het bedrijfsleven voor een groot deel stil ligt tijdens de feestdagen.'

Bedrijven geven toe ook zelf hun rekeningen bewust te laten liggen. Met name bij grote bedrijven worden rekeningen expres te laat betaald. Kleinere bedrijven hebben hier minder last van. Opmerkelijk detail: volgens de credit managers betalen consumenten de rekeningen over het algemeen sneller dan het bedrijfsleven.

Zeer tevreden
OnGuard ondervroeg credit managers niet alleen vakmatig, maar wilde ook weten hoe de respondenten in hun werk staan. Het blijkt een zeer tevreden beroepsgroep. Maar liefst 96 procent geeft aan voldoening uit het werk te krijgen. Driekwart van de respondenten vindt dat het management voldoende oog heeft voor credit management.

Opvallend is dat bij relatief kleinere bedrijven (20 tot 99 werknemers) er meer aandacht is voor de rol van credit management dan bij grotere bedrijven (100 tot 499). Zo wordt de credit management afdeling hier vaak betrokken bij nieuwe deals. Bij grote bedrijven (500+) is dat nauwelijks het geval. Het maken van rapportages neemt teveel tijd (53 procent) in beslag, menen zowel credit managers bij de kleinere als bij de grote bedrijven.

Mensen die met software werken, zijn minder tijd kwijt met het maken van rapportages en analyses. Om de kredietwaardigheid van klanten te toetsen en te waarborgen gebruikt men veelal incasso (21 procent), handelsinformatie (20 procent) en software (16 procent). Is het omdat ze zo tevreden zijn over hun werk?

In ieder geval gaan credit managers 'thuiswerk' niet uit de weg. 62 procent van de respondenten besteedt de eigen administratie niet uit maar doet deze zelf. Slechts 24 procent doet dit samen met de partner. Saillant detail: als de partner betrokken is bij de privé-administratie, is er vaak sprake van beter betaalgedrag…

Over het algemeen noemen de respondenten het eigen betalingsgedrag goed, al zijn er altijd rekeningen die blijven liggen. Slechts 5 procent betaalt zelden tot nooit zijn rekening op tijd, 39 procent laat rekeningen wel eens bewust liggen. De rekeningen die thuis het vaakst blijven liggen zijn die van de tandarts en huisarts (13 procent) en abonnementen en contributies (11 procent).

Nieuwe media
De overgrote meerderheid van de bedrijven (96 procent) vindt telefonisch aanmanen de meest effectieve manier omdat op deze manier wanbetalers persoonlijk worden aangesproken. Nieuwe media is echter in opkomst: 12 procent van de debiteurenbeheerders geeft aan dat aanmanen via sms goed werkt. Met name bij de kleinere en heel grote bedrijven is men die mening toegedaan.

Opvallend is dat credit managers bij middelgrote bedrijven (100 tot 500 medewerkers) juist van mening zijn dat sms als aanmaningsmiddel niet werkt. 42 procent verkiest nog steeds de schriftelijke herinnering boven e-mail. Business to businessbedrijven vinden e-mail juist wel een effectief aanmaningsmiddel. Bedrijven deinzen er niet voor terug om hun klanten aan te manen.

Het in rekening brengen van extra kosten schaadt de klantrelatie niet, zo meent 27 procent. Meer dan de helft (56 procent) van de debiteurenbeheerders geeft regelmatig een vordering uit handen (1 tot 20 keer per jaar) en 11 procent vaak (meer dan 100 keer per jaar). Hierna wordt de klantrelatie in veel gevallen beëindigd (41 procent).

Door Margit Warmink