De landelijke beurzen zullen op termijn verdwijnen en vervangen worden door (wereldwijde) virtuele beurzen. Dit is de toekomst van de huidige beurzen volgens maar liefst 90% van de respondenten van de jaarlijkse Deloitte Beursbarometer. Verder komt uit het onderzoek naar voren dat 30% van de ondervraagde snelgroeiende technologiebedrijven (Deloitte Fast 50) een beursgang overweegt. Een beursnotering aan de Alternext is hierbij het populairst. De resulaten worden gisteren gepresenteerd tijdens de Euronext Dag van het Eigen Vermogen in NH Leeuwenhorst in Noordwijkerhout.

Het ontstaan van virtuele beurzen lijkt een niet te stoppen ontwikkeling. "Wij zijn er net als uit het onderzoek blijkt, van overtuigd dat lokale beurzen op zullen houden te bestaan. Momenteel is al een trend waarneembaar waarin landelijke beurzen fuseren. De volgende stap zal het niet meer hebben van één fysieke handelslocatie zijn. Dit zal leiden tot een aantal wereldwijde virtuele beurzen, waarbij we tevens een internationale convergentie zien in de regelgeving en eisen die worden gesteld aan een prospectus of beursnotering. Het verkrijgen van een beursnotering wordt daardoor wereldwijd transparanter en goedkoper, maar niet gemakkelijker”, aldus Anton Sandler managing partner van Deloitte Offering Services.

Het percentage dat een beursgang overweegt is in 2007 gedaald naar 30%. Dit is een continuering van de dalende trend sinds 2005. In 2005 overwoog nog 40% de weg naar de beurs te bewandelen, in 2006 was dit 34%. Een verklaring voor deze marginale daling is dat de Nederlandse economie momenteel goed draait.

“Bedrijven kunnen hun groei prima uit de eigen winst financieren en hebben daardoor minder behoefte om een publieke notering aan te gaan. Verder verwachten wij met een stijgende rente en de diversificatie plannen van de grote private equity transacties van de laatste jaren wel dat het aantal beursnoteringen weer zal aantrekken”, aldus Sandler.

Dat Alternext met nog slechts twee noteringen toch door tweederde van de respondenten als meest aansprekende beurs wordt aangemerkt ligt aan de toegankelijkheid van deze beurs. De voorkeur voor de andere beurzen (AIM, LSE en Eurolist) ligt rond de 20%. Noteringen aan Alternext kunnen nog wel een stimulans gebruiken. In Frankrijk en Belgie kent de alternatieve beurs in totaliteit 120 noteringen.

“De steun van banken is hierbij essentieel en wordt ook door de respondenten als belangrijke voorwaarde aangegeven. Als we kijken naar het aantal noteringen in Parijs, dan moet er in Nederland ruimte genoeg zijn voor meerdere extra noteringen. Verschil met Nederland is, dat in Frankrijk een aantal middelgrote banken betrokken zijn die moeite willen doen om de bedrijven te ondersteunen en een Alternext notering willen afronden.”, aldus Ronald Bakker manager bij Deloitte Offering Services.

Naast de ontwikkelingen en trends op de beursvloer en de beursgang, komt in het onderzoek ook corporate governance aan de orde. Hieruit komt naar voren dat maar liefst 75% van de niet-beursgenoteerde bedrijven aangeeft dat Tabaksblat niet te veel macht aan de aandeelhouders geeft. Echter, 65% van de beursgenoteerde bedrijven geeft aan dat Tabaksblat te veel macht aan aandeelhouders geeft.

Dit heeft volgens Sandler een logische verklaring. “Bij niet-beurs genoteerde ondernemingen is het management vaak gelijk aan de aandeelhouders en blijven zij dus in control. Bij beursgenoteerde ondernemingen is te veel inmenging in het management juist een belemmering voor hun ondernemerschap. In het kader van goede governance is een uiterste in de standpunten onwenselijk, wel lijken de mogelijkheden voor activistische aandeelhouders om gehoord te worden momenteel groot. Het gevaar hierbij is dat dit teveel tijd van het management vergt en ten koste gaat van de slagkracht van de onderneming.”

Van de beursgenoteerde bedrijven geeft 58% aan dat ze het huidige (sociaal) economische klimaat niet geschikt vinden voor het aantrekken van nieuwe, top ondernemingen in Nederland. “Interessant is dat niet-genoteerde bedrijven het economisch klimaat in Nederland nog wel als aantrekkelijk beschouwen. Beursgenoteerde fondsen kijken echter vaker over de landsgrenzen en merken eerder de onaantrekkelijkheid van Nederland ten opzichte van andere landen.”, aldus Sandler.

Ten slotte komt in het onderzoek naar voren dat 60% van de beursgenoteerde ondernemingen vindt dat de topbeloningen voor bestuurders noodzakelijk zijn om deze topbestuurders voor Nederland te kunnen behouden. Zo’n 50% van de niet-genoteerde organisaties vindt de beloningen te hoog.

De Deloitte Beursbarometer meet jaarlijks de interesse in een beursgang (IPO) onder de Deloitte Fast 50 in Nederland. Daarnaast biedt de Deloitte Beursbarometer inzicht in de trends en ontwikkelingen van beursfondsen. De resulaten werden gisteren gepresenteerd tijdens de Euronext ‘Dag van het Eigen Vermogen’